De Hlavná ulica, de hoofdstraat van Košice, is de belangrijkste straat van de stad. Bijna alle belangrijke gebouwen staan aan of op deze brede straat, die door het hele historische centrum loopt. Midden op de Hlavná ulica staan de Sint Elisabethkathedraal, de Sint Michielskapel, de Urbanova veža, het theater en de zingende fontein. Het Slowaaks Technisch Museum, hotel-restaurant en café Slavia, het paleis van de aartsbisschop, het oude stadhuis en de premonstratenzerkerk zijn enkele van de bezienswaardigheden langs de straat.
Ook de meeste terrassen, restaurants en winkels van Košice liggen aan of vlak bij deze straat. Een wandeling over de Hlavná ulica is daarom de beste manier om kennis te maken met de stad.

De Sint Michielskapel, in het Slowaaks Kaplnka svätého Michala, staat naast de Sint Elisabethkathedraal in Košice en werd gebouwd tussen ongeveer 1340 en 1380. Ze lag destijds op de begraafplaats binnen de stadsmuren en werd gebouwd als begraafkapel. Het onderste deel werd gebruikt als knekelhuis, terwijl in het bovenste deel het dodengebed werd gebeden. Bijzonder was dat er in de kapel diensten werden gehouden voor de Slowaakstalige inwoners, terwijl de Sint Elisabethkathedraal de kerk was van de Duitse en Hongaarse gemeenschap.
Door de eeuwen heen is de kapel meerdere keren gerestaureerd. Begin 20e eeuw werd een zijbeuk afgebroken en werden zeventien middeleeuwse grafstenen in de buitenmuren gemetseld. De laatste grote restauratie liep van 1998 tot 2006. In januari 2006 werd de kapel opnieuw ingewijd en was ze weer in oude glorie te zien.

Het Slowaaks Technisch Museum is een groot museum aan de Hlavná ulica dat uit verschillende onderdelen bestaat. Het werd in 1948 opgericht en zit in een barok herenhuis uit de 18e eeuw. Een groot deel van de collectie gaat over het mijnbouw- en ijzerverleden van Košice en Oost-Slowakije. Dat wordt uitgelegd met foto’s en voorwerpen, maar ook met maquettes, oude machines en een ondergronds mijngedeelte. Er zijn ook afdelingen over energie, met stoommachines en turbines, en over smeedijzer, fotografie en landmeetkunde.
Een populair onderdeel is de ruimte met interactieve opstellingen, waar je allerlei proefjes kunt doen. Bij een deel van de opstellingen is de uitleg alleen in het Slowaaks, maar de meeste proeven spreken voor zichzelf.

De nieuwe orthodoxe synagoge van Košice aan de Puškinova werd in 1927 gebouwd, samen met een joodse school, niet ver van het historische centrum van de stad. De synagoge wordt nog altijd door de joodse gemeente van Košice gebruikt als gebedshuis. Sinds 2015 is in het gebouw ook de galerie van Ľudovít Feld gevestigd, met werk van hem en van andere kunstenaars van joodse afkomst, en een kleine tentoonstelling over joodse religieuze voorwerpen.
Ľudovít Feld (1904-1991) werd geboren in Košice en stopte als kind met groeien. Hij werd naar Auschwitz gedeporteerd, waar hij werd geselecteerd voor de experimenten van Josef Mengele. Mengele ontdekte zijn tekentalent en liet hem tekeningen maken van die experimenten. Dankzij dat talent overleefde Feld het kamp. Na de oorlog keerde hij terug naar Košice, waar hij tekenles gaf en portretten, landschappen en stadsgezichten schilderde. Sinds 2016 staat voor de synagoge een bronzen beeld van Feld.

De Urbanova veža, of toren van Sint Urbanus, is een gotische klokkentoren midden in het historische centrum van Košice. De toren staat naast de Sint Elisabethkathedraal en is vernoemd naar de klok die er hing, gewijd aan Sint Urbanus, de beschermheilige van de wijnboeren. In 1775 kreeg het dak een barokke bekroning met als punt een ijzeren dubbelkruis. De arcadegang rondom de toren werd in 1912 aangelegd. In de muren werden zesendertig oude grafstenen ingemetseld, de meeste uit de veertiende en vijftiende eeuw.
In 1966 werd de toren bij een brand zwaar beschadigd, waarbij ook de Urbanusklok verloren ging. Na de restauratie ging de toren in 1971 weer open. Later zaten er een tentoonstelling over gietwerk en een wassenbeeldenmuseum in, maar dat museum is inmiddels gesloten.

Het neogotische Jakabov palác in Košice werd in 1899 gebouwd en is vernoemd naar de eerste eigenaar, Árpád Jakab. Het paleis staat aan de Mlynská ulica, aan de rand van het historische centrum. Bijzonder detail is dat het gebouwd is met stenen die werden afgekeurd tijdens de restauratie van de Sint Elisabethkathedraal.
Het paleis heeft in de loop der jaren verschillende functies gehad. In april en mei 1945 was het de zetel van de Tsjechoslowaakse president Edvard Beneš, en van 1992 tot 2000 was hier de British Council gevestigd. Daarna werd het gebouw gebruikt voor evenementen en festiviteiten. Door een eigendomskwestie is het paleis gesloten voor publiek; je kunt het wel van buiten bekijken.
