Paramaribo: de houten stad van de Caraïben

Paramaribo is de hoofdstad en de enige grote stad van Suriname. In het district Paramaribo wonen ongeveer 240.000 mensen, en met de omliggende plaatsen meegerekend woont meer dan de helft van alle Surinamers in en rond de stad. Het centrum is relatief klein en goed te voet te verkennen.

Sinds 2002 staat de historische binnenstad op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De stad is een bijzondere mengeling van Europese bouwstijlen met Zuid-Amerikaanse materialen en ambachten, met veel monumentale houten huizen. De meeste bezienswaardigheden hebben te maken met het koloniale verleden van Suriname, zoals Fort Zeelandia, het Onafhankelijkheidsplein en de Waterkant. Veel Nederlandse bezoekers komen naar Paramaribo voor familiebezoek.



Fort Zeelandia

In het historische centrum van Paramaribo, aan de Surinamerivier, staat Fort Zeelandia. Het vijfhoekige fort ontstond in het begin van de 17e eeuw als versterking bij een Nederlandse handelspost. In 1651 veroverden de Engelsen het fort en noemden het Fort Willoughby. In 1667 namen Zeeuwen onder Abraham Crijnssen het in en gaven het de naam Fort Zeelandia. Het fort kreeg vijf bastions, waarvan er drie nog bestaan: Middelburgh, Veere en Zierikzee. Na de bouw van Fort Nieuw-Amsterdam in de 18e eeuw verloor het zijn militaire functie en werd het een kazerne en later een gevangenis.

Sinds 1995 is in het fort het Surinaams Museum gevestigd, met onder meer etnografische voorwerpen van de verschillende bevolkingsgroepen, beeldende kunst en archeologische vondsten. Na de Sergeantencoup van 25 februari 1980 werd het fort het hoofdkwartier van Desi Bouterse en zijn militairen. In december 1982 werden hier vijftien tegenstanders van het militaire bewind vermoord; deze moorden staan bekend als de Decembermoorden.



Sint-Petrus-en-Pauluskathedraal

De Sint-Petrus-en-Pauluskathedraal in de Henck Arronstraat is een van de belangrijkste religieuze bouwwerken in Suriname. De houten kerk werd tussen 1883 en 1887 gebouwd naar een ontwerp van frater Frans Harmes. De buitenkant is geïnspireerd op de redemptoristenkerk in Roosendaal en de redemptoristenkerk in Boston. Samen met de St. George’s Cathedral in Georgetown behoort de kathedraal tot de grootste houten kerken van Zuid-Amerika. De binnenzijde van de kathedraal bestaat in zijn geheel uit onbeschilderd cederhout, wat het geheel een authentieke uitstraling geeft.
De buitenzijde is sinds 1926 geel en grijs geschilderd. In 1989 werd de kathedraal gesloten omdat het gebouw scheef was gaan hangen. Na een grote restauratie ging de kerk in november 2010, na ruim 21 jaar, weer open. Sinds 2014 is het een basiliek. Nu is de Sint-Petrus-en-Pauluskathedraal open voor publiek en kan gratis bezocht worden. Je wordt wel gevraagd om gepaste kleding te dragen.

Waterkant

De Waterkant is de oudste straat van Paramaribo en ligt direct aan de kade van de Surinamerivier, bij Fort Zeelandia. De straat is een belangrijk onderdeel van de historische binnenstad, die sinds 2002 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat. Veel van de oorspronkelijke bebouwing ging verloren bij de stadsbrand van 1821. Daarna verrees een rij monumentale witte gebouwen, die nog altijd het beeld bepalen.

Aan de Waterkant staan onder meer de Centrale Bank van Suriname, de Waag en de Lutherse kerk. Verder naar het zuiden ligt de Centrale Markt. Aan de rivierkant van de straat staan kiosken en eetkraampjes, en is een kleine markt met souvenirs.

Centrale Markt & Vreedzaam Markt

De Centrale Markt van Paramaribo is te vinden aan de waterkant en is de grootste permanente markt van het land. Het marktgebouw heeft twee verdiepingen en rondom de markt zijn nog veel meer kraampjes te vinden. Op de begane grond zijn voornamelijk etenswaren en eettentjes te vinden. Het achterste deel is ingericht als vismarkt, terwijl voorin vooral groente en fruit te koop is. Helemaal aan de buitenzijde kom je enkele slagers tegen. Op de eerste verdieping wordt kleding en kookgerei verkocht.

Naast de Centrale Markt staat de Vreedzaam Markt. Op deze markt worden vooral kruiden, natuurlijke medicijnen en andere traditionele producten verkocht. De markt is ook bij toeristen populair. Stel gerust vragen aan de kruidenverkopers: ze geven je met veel plezier uitleg over de werking van de verschillende kruiden en andere spullen.

Hotels in Paramaribo

Paramaribo heeft hotels voor ieder budget. Het bekendste is het Torarica, een groot hotelcomplex aan de Surinamerivier, vlak bij het centrum, dat uit drie delen bestaat. Wie liever kleinschalig en rustig verblijft, kan terecht in het Greenheart Boutique Hotel.

De meeste hotels liggen in of rond de historische binnenstad, zodat je de bezienswaardigheden te voet kunt bereiken. Wie een auto huurt, kan ook buiten het centrum overnachten, bijvoorbeeld in een resort langs de rivier. In de drukke periodes rond de zomer- en kerstvakantie, als veel Nederlanders naar Suriname reizen, is het verstandig om op tijd te boeken. De beste hoteldeals in Paramaribo vind je op Trivago.nl.

Houten huizen van Paramaribo

De houten huizen zijn een van de meest karakteristieke onderdelen van de historische binnenstad van Paramaribo, en een belangrijke reden dat de binnenstad sinds 2002 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat. Veel huizen staan op een onderbouw van rode baksteen. Die stenen werden vroeger als ballast met schepen uit Europa meegenomen.

Een groot deel van de oudere bebouwing ging verloren bij de grote stadsbranden van 1821 en 1832, zodat de meeste huizen in de binnenstad van na die tijd zijn. Een deel is de afgelopen jaren gerestaureerd, terwijl andere er nog slecht aan toe zijn. Mooie voorbeelden vind je in de Henck Arronstraat, de Lim A Postraat en aan de Waterkant.

Centrumkerk

De Centrumkerk van Paramaribo is te vinden aan de Grote Kerkstraat en het Kerkplein. De eerste kerk op deze plek was een achthoekige koepelkerk uit 1814. In 1821 brandde die af. Tussen 1833 en 1835 werd een nieuwe, eenvoudigere achthoekige kerk gebouwd. De koepel kwam niet terug, maar de achthoekige vorm bleef. De vloer van de kerk bestaat voor een deel uit marmeren grafstenen uit de achttiende eeuw. Op de stenen staan vooral Nederlandse namen. De binnenzijde van de kerk is simpel en sober zoals we van een hervormde kerk gewend zijn. Het opvallendste onderdeel is het orgel uit 1846 van de Deventer orgelbouwer Naber, betaald door koning Willem II. Bij de onafhankelijkheid in 1975 deed de kerk dienst als parlementsgebouw.

Onafhankelijkheidsplein

Het Onafhankelijkheidsplein ligt in het hart van de historische binnenstad van Paramaribo, vlak bij de Surinamerivier. Voor de onafhankelijkheid in 1975 heette het onder meer Gouvernementsplein en Oranjeplein. Het plein zelf is een groot grasveld met verschillende monumenten. Het bekendste is het standbeeld van Johan Adolf Pengel, een Surinaamse politicus. Bijzonder is dat ook zijn politieke tegenstander Jagernath Lachmon een standbeeld op het plein heeft.

Rond het plein staan historische stenen gebouwen die door de overheid worden gebruikt, zoals het Presidentieel Paleis, het voormalige Gouvernementshuis uit de 18e eeuw, en het ministerie van Financiën. Op Onafhankelijkheidsdag wordt hier het defilé afgenomen, en ook bij andere feestdagen en evenementen wordt het plein gebruikt. De bekende vogeltjesmarkt, een zangwedstrijd voor vogels, werd tot de jaren 2010 op het plein gehouden en is inmiddels naar andere plekken in de stad verhuisd.

Palmentuin

De Palmentuin is een stadspark in het centrum van Paramaribo, achter het Presidentieel Paleis. Gouverneur Cornelis van Aerssen van Sommelsdijck liet hier aan het eind van de 17e eeuw koningspalmen planten en stelde de tuin in 1685 open voor het publiek. Na een grondige renovatie, mede betaald door UNESCO, werd de tuin in 2011 heropend. Er staan enkele beelden en er is een speeltuin.

Tijdens feestdagen en evenementen staan er kraampjes met eten en drinken, en rijden verkopers rond met koude Fernandes-frisdrank en schaafijs. Aan de rand van de Palmentuin ligt de promenade Wakapasi, met kraampjes, ambachtelijke producten en horeca.

Jules Wijdenboschbrug

De Jules Wijdenboschbrug ligt net buiten het historische centrum van Paramaribo en verbindt de stad met Meerzorg in het district Commewijne. De brug werd op 15 april 2000 opgeleverd en op 20 mei 2000 officieel geopend, zes dagen voor de parlementsverkiezingen. Hij is genoemd naar de toenmalige president Jules Wijdenbosch. Het doel was de ontwikkeling van het oostelijke deel van Suriname te bevorderen; daarvoor was dat gebied alleen per veerboot bereikbaar.

De brug, gebouwd door Ballast Nedam, was omstreden vanwege de hoge kosten en werd door velen gezien als verkiezingsstunt. Toch wordt er veel gebruik van gemaakt. Voetgangers mogen niet over de brug en steken over met kleine bootjes. Wel is er elk jaar, meestal op de eerste zondag van het jaar, de Bigi Broki Waka: een wandeltocht en hardloopwedstrijd over de brug.

Goslar

In de Surinamerivier bij Paramaribo ligt het wrak van de Goslar, een Duits vrachtschip uit 1929. Toen Duitsland op 10 mei 1940 Nederland binnenviel, kregen de Nederlandse koloniën opdracht alle Duitsers te interneren. Toen de Nederlanders de bemanning wilden aanhouden, liet die het schip zinken. Bij een poging om het wrak na de oorlog te bergen en als schroot te verkopen, brak de romp in tweeën.

Het wrak is nooit geborgen en ligt op een zandbank midden in de rivier, ruim een kilometer ten noorden van de Jules Wijdenboschbrug. Je ziet het goed vanaf de stad en vanaf de brug. Het roestende schip is een stille getuige van de Tweede Wereldoorlog in Suriname.