Het Dugald Stewart Monument staat op Calton Hill in het centrum van Edinburgh. Het werd in 1831 opgericht ter ere van de Schotse filosoof Dugald Stewart, die jarenlang hoogleraar moraalfilosofie was aan de Universiteit van Edinburgh. Architect William Henry Playfair, die ook het National Monument op dezelfde heuvel ontwierp, baseerde het ontwerp op het monument van Lysikrates in Athene.
Op hetzelfde Griekse voorbeeld is ook het Burns Monument aan Regent Road gebaseerd, dat niet ver van Calton Hill staat. Dat past bij de bijnaam van Edinburgh, het Athene van het Noorden. Het Dugald Stewart Monument staat op een uitstekende plek aan de rand van de heuvel. Daardoor is het vaak te zien op foto’s van de stad, met op de achtergrond de Old Town, het Scott Monument en Edinburgh Castle. Vooral bij zonsondergang is dit een van de populairste fotoplekken van Edinburgh.

Edinburgh Castle staat op Castle Rock, een rots van vulkanische oorsprong midden in de stad. De rots wordt al sinds de ijzertijd bewoond en is sinds de twaalfde eeuw een koninklijk kasteel. In de loop der eeuwen is het kasteel vele malen belegerd, verwoest en herbouwd, waardoor de meeste gebouwen uit latere eeuwen stammen. Het oudste gebouw is St Margaret’s Chapel uit de twaalfde eeuw, tevens het oudste gebouw van Edinburgh. Het poortgebouw dateert van 1888; de beelden van William Wallace en Robert the Bruce werden er in 1929 bij geplaatst.
In het kasteel worden de Honours of Scotland bewaard, de Schotse kroonjuwelen. De Stone of Destiny, de kroningssteen van de Schotse koningen, lag hier tot 2024 en staat nu in het Perth Museum. Ook het National War Museum en het enorme middeleeuwse kanon Mons Meg zijn te bezoeken. Elke dag behalve op zondag wordt om 13.00 uur het One O’Clock Gun afgevuurd. In augustus vindt op de esplanade voor het kasteel de Royal Edinburgh Military Tattoo plaats. Wil je niet in de rij staan, koop dan je tickets voor Edinburgh Castle vooraf online.

De City Chambers aan de Royal Mile zijn de zetel van het stadsbestuur van Edinburgh. Het gebouw werd tussen 1753 en 1761 gebouwd naar een ontwerp van architect John Adam en was oorspronkelijk bedoeld als Royal Exchange, een beursgebouw voor de handelaren van de stad. De kooplieden bleven echter liever op straat handelen, waarna het stadsbestuur eerst een deel en in 1811 het hele gebouw in gebruik nam.
Het gebouw heeft een vierkante binnenplaats die je vanaf de Royal Mile door een rij bogen kunt zien. Op de binnenplaats staat een bronzen beeld van Alexander de Grote die zijn paard Bucephalus temt, gemaakt door beeldhouwer John Steell. Het beeld stond eerst op St Andrew Square en verhuisde in 1916 naar de City Chambers. Onder het gebouw liggen de resten van oude steegjes, waaronder Mary King’s Close, die je met een rondleiding van The Real Mary King’s Close kunt bezoeken.

St Giles’ Cathedral aan de Royal Mile is de belangrijkste kerk van Edinburgh en wordt ook wel High Kirk genoemd. Op deze plek stond al in de twaalfde eeuw een kerk. Het huidige gotische gebouw stamt grotendeels uit de veertiende en vijftiende eeuw; de bekende kroontoren is van rond 1500. In de negentiende eeuw is de kerk grondig gerestaureerd, waardoor het interieur grotendeels Victoriaans is.

In 1559 werd John Knox predikant van St Giles en speelde de kerk een centrale rol in de Schotse Reformatie. Daarbij werden veel oude versieringen en altaren verwijderd. Tegenwoordig is St Giles een parochiekerk van de Church of Scotland; de naam kathedraal is historisch, want de kerk heeft geen bisschop. Hoogtepunten zijn de glas-in-loodramen en de Thistle Chapel uit 1911, de kapel van de Orde van de Distel. De toegang is gratis, een donatie wordt op prijs gesteld.

Gladstone’s Land aan de Lawnmarket, het bovenste deel van de Royal Mile, is een goed bewaard voorbeeld van de hoge woonhuizen die Edinburgh in de zeventiende eeuw kenmerkten. Omdat de stad binnen haar muren weinig ruimte had, werd er de hoogte in gebouwd. In 1617 kocht de rijke koopman Thomas Gledstanes het huis en liet hij het uitbreiden tot een gebouw van zes verdiepingen met een smalle gevel dat ver naar achteren doorloopt. Hij woonde er zelf en verhuurde kamers aan onder meer een ridder, een predikant en ambachtslieden.
In 1934 dreigde het pand te worden gesloopt, maar de National Trust for Scotland kocht en restaureerde het. Tegenwoordig is het een museum dat laat zien hoe men in de zeventiende eeuw woonde. De beschilderde plafonds en muren zijn bewaard gebleven. Op de begane grond, onder de arcade aan de straatkant, verkocht de koopman vroeger zijn waren. De huizen hadden geen stromend water of riolering en werden verwarmd met open haarden.

De Grassmarket is een historisch plein in de Old Town van Edinburgh, aan de voet van Castle Rock. Het plein ligt lager dan de rest van de oude stad en Edinburgh Castle torent erboven uit. Vanaf de vijftiende eeuw werd hier een vee- en paardenmarkt gehouden. Het plein was ook een plek voor openbare executies; de laatste vond plaats in 1784. Een gedenksteen herinnert aan de Covenanters die hier werden terechtgesteld.
Tegenwoordig is de Grassmarket een levendige ontmoetingsplaats voor inwoners, studenten en toeristen, zeker sinds het plein is heringericht en voetgangersvriendelijker is gemaakt. Aan het plein staan oude pubs zoals The Last Drop en Maggie Dickson’s, genoemd naar een vrouw die in 1724 haar ophanging overleefde. In de omliggende straten, zoals Victoria Street en West Bow, vind je veel kleine winkeltjes, vintagewinkels en restaurants. Op zaterdag wordt er een markt gehouden.

Het verhaal van Greyfriars Bobby is een van de bekendste verhalen van Edinburgh. Het gaat over een Skye-terriër die na de dood van zijn baasje, de politieman John Gray, veertien jaar lang bij diens graf op Greyfriars Kirkyard zou hebben gewaakt. John Gray overleed in 1858 aan tuberculose. Bobby kreeg te eten van de buurtbewoners en een nabijgelegen eethuis.
Toen in 1867 een hondenbelasting werd ingevoerd, betaalde burgemeester William Chambers de vergunning van Bobby, zodat het hondje niet als zwerfhond zou worden opgepakt. Bobby stierf in 1872 en werd begraven bij de ingang van de begraafplaats. Een jaar later werd op de hoek van Candlemaker Row en George IV Bridge een standbeeld van Bobby onthuld. Veel toeristen wrijven over de neus van het beeld voor geluk, waardoor die glimmend is geworden, al beschadigt dat het brons. Het verhaal is verfilmd en inspireerde verschillende boeken.

Het National Museum of Scotland in Chambers Street is het bekendste museum van Schotland. Het bestaat uit twee gebouwen: het Victoriaanse Royal Museum met zijn lichte Grand Gallery en het moderne Museum of Scotland uit 1998. In 2006 werden beide samengevoegd tot één museum, dat in 2011 na een grote renovatie opnieuw openging. Het museum valt onder National Museums Scotland en de toegang is gratis.
De collectie is zeer breed en loopt van natuurlijke historie en techniek tot wereldculturen en de geschiedenis van Schotland. Bekende stukken zijn het opgezette schaap Dolly, het eerste gekloonde zoogdier, enkele schaakstukken van de Lewis Chessmen en de Maiden, de guillotine waarmee in Edinburgh vroeger mensen werden terechtgesteld. Daarnaast zijn er Egyptische mummies en een grote zaal met opgezette dieren. Vanaf het dakterras heb je een mooi uitzicht over de Old Town en Edinburgh Castle.

Princes Street Gardens is het bekendste park van Edinburgh. Het ligt in het dal tussen de Old Town en de New Town, aan de voet van Edinburgh Castle. Vroeger lag hier het Nor Loch, een meer dat bij de verdediging van de stad hoorde. Dat werd in de achttiende eeuw drooggelegd, waarna in de negentiende eeuw het park werd aangelegd. Het bestaat uit twee delen, East en West Princes Street Gardens, die worden gescheiden door The Mound, een kunstmatige heuvel waarop de National Gallery of Scotland en de Royal Scottish Academy staan.
In het park staan enkele bekende bezienswaardigheden, zoals de Ross Fountain, de Floral Clock en het Scott Monument. Het park is een rustige plek midden in het drukke centrum, met bankjes en grasvelden met uitzicht op het kasteel. In de zomer worden er concerten gegeven en in de winter staan in East Princes Street Gardens de kerstmarkt en de attracties van Edinburgh’s Christmas.

In het centrum van Edinburgh zijn verschillende openbare toiletten. De gemeente heeft toiletten op Castlehill, bovenaan de Royal Mile, en op twee plekken in Princes Street Gardens: bij de Ross Bandstand en in West Princes Street Gardens. De openingstijden zijn ongeveer van 10.00 tot 19.00 of 20.00 uur; in de winter gelden kortere tijden en de gemeente kan toiletten tijdelijk sluiten voor onderhoud.
Ook in station Waverley zijn toiletten, die gratis te gebruiken zijn. Daarnaast hebben de grote musea, zoals het National Museum of Scotland en de Scottish National Gallery, toiletten die vrij toegankelijk zijn voor bezoekers, net als de meeste warenhuizen en winkelcentra aan Princes Street en St James Quarter. In pubs en restaurants zijn de toiletten meestal alleen voor klanten. Kijk voor de actuele openingstijden van de gemeentelijke toiletten op de website van de City of Edinburgh Council, want die veranderen per seizoen.

Frankenstein is een themapub aan George IV Bridge in de Old Town van Edinburgh, vlak bij Greyfriars Bobby en de Grassmarket. Boven de gevel staat in grote letters The World Famous Frankenstein. De pub is gevestigd in een voormalige Victoriaanse kerk die volledig is ingericht als het laboratorium van Frankenstein, met hoge plafonds, gotische ramen, laboratoriumapparatuur en monsterfiguren.
De pub heeft meerdere verdiepingen met elk een eigen bar. Op drukke avonden zakt er onder donder- en bliksemeffecten een levensgroot monster van Frankenstein naar beneden boven de bar. Er worden pubgerechten en cocktails geserveerd en de pub is populair bij studenten en toeristen. Rond Halloween worden er verkleedfeesten gehouden. Het is niet nodig om te reserveren voor een drankje, al kan het in het weekend en rond Halloween druk zijn. Door de consequent doorgevoerde aankleding is er overal iets te zien, en ook wie alleen even wil rondkijken komt hier aan zijn trekken.

The Scotch Whisky Experience aan Castlehill, bovenaan de Royal Mile vlak bij Edinburgh Castle, is een van de populairste attracties van Edinburgh. Tijdens een rondleiding leer je hoe whisky wordt gemaakt, van gemoute gerst tot rijping in eikenhouten vaten. Het bezoek begint met een rit in een whiskyvat, waarin je via schermen en geluiden het productieproces volgt.
Daarna maak je kennis met de vijf whiskyregio’s van Schotland: de Highlands, de Lowlands, Speyside, Islay en Campbeltown. Elke regio heeft zijn eigen kenmerkende geur en smaak, van licht en fruitig tot rokerig door het gebruik van turf. Na een korte uitleg proef je een whisky naar keuze. Een hoogtepunt is de kluis met de grootste verzameling Schotse whisky ter wereld, ruim drieduizend flessen die door de Braziliaan Claive Vidiz werden verzameld. Het bezoek eindigt in de winkel, die een zeer ruim assortiment whisky verkoopt, en er is ook een restaurant.

In Edinburgh organiseren verschillende bedrijven spooktochten, zoals ghost walks, haunted tours en de City of the Dead Tour. Op de Royal Mile, vooral rond St Giles’ Cathedral, zie je hun borden en gidsen. De meeste tochten vinden ’s avonds plaats en combineren de geschiedenis van de stad met spookverhalen over pest, executies, lijkenrovers en heksenvervolging.
Een tocht begint meestal met een wandeling door de steegjes van de Old Town. Onderweg kom je langs plekken als het parkeerterrein bij St Giles, waar ooit een begraafplaats lag en waar het graf van John Knox zich bevindt. Hoogtepunt van veel tochten is een bezoek aan de ondergrondse gewelven, de vaults, onder de South Bridge en Blair Street. Deze ruimtes werden eind achttiende eeuw gebouwd als werkplaatsen en opslag, maar raakten later in verval. In het kaarslicht vertelt de gids welke geesten er volgens de verhalen rondwaren. Andere tochten gaan naar Greyfriars Kirkyard. Voor de vaults is een kaartje vooraf aan te raden.

The King’s Gallery is een kunstgalerie aan de voet van de Royal Mile in Edinburgh, naast het Palace of Holyroodhouse. In de galerie worden tentoonstellingen gehouden met werken uit de Royal Collection, de kunstverzameling van het Britse koninklijk huis. De galerie opende in 2002, ter gelegenheid van het gouden jubileum van koningin Elizabeth II, en heette tot de troonsbestijging van koning Charles III The Queen’s Gallery.
De galerie is gevestigd in de voormalige Holyrood Free Church en de Duchess of Gordon’s School uit de negentiende eeuw. Er is geen vaste collectie: meerdere keren per jaar wordt een nieuwe tentoonstelling ingericht, bijvoorbeeld met schilderijen, tekeningen, foto’s of juwelen. Een bezoek is goed te combineren met het Palace of Holyroodhouse; er zijn combinatiekaarten voor beide. Ook het moderne Schotse parlementsgebouw en de wandelpaden naar Arthur’s Seat liggen op loopafstand.
