Het plein El Hedim, ook Lahdim geschreven, is het belangrijkste plein van Meknes. Het ligt tussen de medina en de poort Bab Mansour, die toegang geeft tot de koninklijke stad. Sultan Moulay Ismaïl liet het plein aan het eind van de zeventiende eeuw aanleggen; de naam betekent plein van de puinhopen, omdat er eerst huizen werden afgebroken.
Het plein doet denken aan het Djemaa el Fna in Marrakech, maar is kleiner en rustiger. Er zijn verhalenvertellers, muzikanten, slangenbezweerders en hennaschilders, vooral aan het eind van de middag en in de avond. Aan de rand van het plein liggen cafés en restaurants met terrassen, vanwaar je uitkijkt op Bab Mansour. Aan de zijkant van het plein ligt een overdekte markt waar fruit, groente, olijven, vlees en zoetigheden worden verkocht. Ook het Dar Jamaï, het nationale muziekmuseum, ligt aan het plein. Vanaf El Hedim loop je de medina in naar de souks en de Grote Moskee.

Het Dar Jamaï in Meknes is een negentiende-eeuws paleis aan het plein El Hedim. Het werd gebouwd onder sultan Moulay Hassan I voor de invloedrijke familie Jamaï, die hoge functies aan het hof bekleedde. Het paleis heeft een binnentuin met fonteinen en rijk versierde zalen met houtsnijwerk, stucwerk en beschilderde plafonds. Al ruim honderd jaar is het een museum.
Na een restauratie werd het Dar Jamaï in maart 2022 heropend als het nationale muziekmuseum van Marokko. De collectie bestaat uit muziekinstrumenten uit verschillende Marokkaanse tradities, zoals Andalusische muziek, soefimuziek, melhoun en gharnati, en laat zien hoe muziek in het dagelijks leven en bij feesten wordt gebruikt. Daarnaast is het gebouw zelf een mooi voorbeeld van de Marokkaanse woonarchitectuur, met de vertrekken van de familie rond de binnenplaats. Het museum ligt aan de rand van de medina, dus een bezoek is goed te combineren met een wandeling over het plein en door de souks.

Het mausoleum van Moulay Ismaïl is een van de bekendste bezienswaardigheden van Meknes. Sultan Moulay Ismaïl regeerde van 1672 tot 1727 en maakte van Meknes zijn hoofdstad. Hij ligt hier begraven, samen met onder meer een van zijn vrouwen, een zoon en de latere sultan Moulay Abderrahman. Het mausoleum ligt in de koninklijke stad, achter Bab Mansour.
Je komt binnen via een reeks binnenplaatsen met fonteinen en zuilengangen, rijk versierd met tegels, stucwerk en houtsnijwerk. Het mausoleum is een van de weinige religieuze gebouwen in Marokko die ook niet-moslims mogen bezoeken. De grafkamer zelf is voor hen niet toegankelijk, maar vanuit de aangrenzende ruimte kun je er goed naar binnen kijken. Draag bedekkende kleding en houd er rekening mee dat het mausoleum tijdens het gebed gesloten kan zijn.

De stadsmuren van Meknes horen bij de indrukwekkendste van Marokko. Sultan Moulay Ismaïl liet ze aan het eind van de zeventiende eeuw aanleggen rond de medina en zijn koninklijke stad. Samen zijn de muren ongeveer veertig kilometer lang. Ze zijn gemaakt van stampleem en werden versterkt met torens en bastions. Op sommige plekken lopen meerdere muren parallel aan elkaar, met daartussen lange, smalle gangen.
Het pronkstuk is de poort Bab Mansour aan het plein El Hedim, maar er zijn meer mooie poorten, zoals Bab el-Khemis en Bab Berdaine. Wie wat meer tijd heeft, kan buiten de medina langs de muren wandelen of een rondrit maken met een koets of taxi. Zo kom je langs de koninklijke graanschuren Heri es-Souani, het waterbassin Agdal en de golfbaan die binnen de muren van het koninklijke paleis is aangelegd. Het grootste deel van de muren is in goede staat; enkele delen worden of zijn gerestaureerd.
