
De Arab Ahmet-wijk in het noordelijke deel van Nicosia is een goed voorbeeld van een woonwijk uit de Ottomaanse tijd. In de straten staan herenhuizen met houten erkers, binnenplaatsen en hoge deuren. Een deel van de huizen is de afgelopen jaren gerestaureerd. Andere, vooral in de achterliggende straten, verkeren nog in slechte staat. Het hart van de wijk wordt gevormd door de Arab Ahmet-moskee, waarnaar de wijk is genoemd.

De wijk ligt in het westen van de oude stad, dicht bij de Groene Lijn. In de wijk staat ook een Armeense kerk, die na jaren van verval is gerestaureerd, en er ligt een oude Armeense begraafplaats. Het is een rustige wijk, die duidelijk minder toeristisch is dan de omgeving van de Selimiye-moskee. Een wandeling door de straatjes geeft een goed beeld van het dagelijks leven in het noordelijke deel van Nicosia. De meeste stadswandelingen door Noord-Nicosia komen door deze wijk.
De Ledrastraat, ook wel Lidras genoemd, is de belangrijkste winkelstraat in het zuidelijke deel van de oude stad van Nicosia. De straat loopt van het Eleftheriaplein bij de stadswallen naar het noorden, tot aan de Groene Lijn. Vroeger liep de straat door tot in het noordelijke deel van de stad. In de jaren vijftig, tijdens de strijd van de EOKA tegen het Britse bestuur, vonden er zoveel aanslagen plaats dat de straat de bijnaam Murder Mile kreeg.
Na het geweld tussen de bevolkingsgroepen in 1963 en 1964 werd de straat afgesloten. Na de deling van het eiland in 1974 liep de straat dood op de bufferzone. In april 2008 werd er een grensovergang geopend, zodat je sindsdien te voet van het ene naar het andere deel van de stad kunt lopen, na een paspoortcontrole. Langs de Ledrastraat liggen veel winkels van bekende ketens, cafés en restaurants. Ook de Shacolas-toren met het uitzichtpunt staat aan deze straat.

Het Leventismuseum, in het Engels Leventis Municipal Museum, is het stadsmuseum van Nicosia. Het museum opende in 1989 en ligt in het zuidelijke deel van de oude stad, vlak bij de Laiki Geitonia. Het is gevestigd in twee gerestaureerde huizen uit de negentiende eeuw. Het museum vertelt de geschiedenis van Nicosia, van de eerste bewoners in de prehistorie tot de huidige tweedeling van de stad.
De collectie is chronologisch opgesteld en loopt via de Griekse, Romeinse en Byzantijnse tijd en de periodes van de Lusignans, de Venetianen en de Ottomanen naar de Britse tijd en de onafhankelijkheid. Je ziet er archeologische vondsten, middeleeuws aardewerk, kaarten, schilderijen, kostuums en sieraden. De presentatie is modern, met maquettes en uitleg in het Engels. In 1991 won het museum de prijs voor het Europees museum van het jaar. De toegang is gratis.

Het huis van Hadjigeorgakis Kornesios is een van de mooiste historische woonhuizen in het zuidelijke deel van Nicosia. Het werd rond 1793 gebouwd voor Hadjigeorgakis Kornesios, die de functie van dragoman van Cyprus had. Een dragoman was tolk en tussenpersoon tussen de Grieks-Cypriotische bevolking en het Ottomaanse bestuur. Het was een invloedrijke functie, waarmee Kornesios veel macht en rijkdom verwierf. In 1809 werd hij in Constantinopel terechtgesteld.
Het huis is een goed voorbeeld van de architectuur uit de late Ottomaanse tijd, met een binnenplaats, een overdekte galerij en een rijk versierde ontvangstzaal op de verdieping. Het is ingericht met meubels en voorwerpen uit die periode en doet dienst als etnologisch museum. In de tuin is een kleine privéhamam te zien. Het huis is te bezoeken tegen een kleine toegangsprijs en ligt vlak bij het aartsbisschoppelijk paleis.

De Selimiye-moskee in het noordelijke deel van Nicosia werd gebouwd als de Sint-Sophiakathedraal en is het belangrijkste gotische gebouw van de stad. De bouw begon in 1209, toen Cyprus werd bestuurd door de Franse familie Lusignan. Het duurde meer dan een eeuw voordat de kathedraal in 1326 werd ingewijd. Op deze plek stond eerder een Byzantijnse kerk. De kathedraal werd gebouwd in de stijl van de Franse gotiek, en hier werden de koningen van Cyprus uit het huis Lusignan gekroond.
Nadat de Ottomanen Nicosia in 1570 hadden veroverd, werd de kathedraal een moskee. Beelden en versieringen werden verwijderd, de gebrandschilderde ramen vervangen en er werden twee minaretten op de westtorens gebouwd. In 1954 kreeg de moskee de naam Selimiye, naar sultan Selim II. Van buiten lijkt het gebouw nog steeds op een gotische kathedraal, maar binnen is het ingericht als moskee, met witte muren en tapijten. Buiten de gebedstijden is de moskee open voor bezoekers.

Aan de Ledrastraat in Nicosia staat de Shacolas-toren, een van de hoogste gebouwen in de oude stad. Op de elfde verdieping is een uitzichtpunt met een klein museum ingericht, het Shacolas Tower Museum and Observatory. Het museum bestaat vooral uit informatieborden die laten zien welke gebouwen je ziet en wat er vroeger op die plekken stond. Daarnaast wordt er een korte film met oude foto’s en beelden over de geschiedenis van de stad vertoond.
Het uitzicht is de belangrijkste reden voor een bezoek. Je kijkt over de hele oude stad, de Venetiaanse wallen en de bergen in de omgeving. Van bovenaf zie je goed hoe de Groene Lijn de stad in tweeën deelt, en ook het verschil tussen de twee delen van de stad. Aan de noordkant zie je op de helling van het Kyreniagebergte de grote vlag van Noord-Cyprus liggen. Het uitzichtpunt is het hele jaar open, met in de zomer langere openingstijden dan in de winter.

De oude stad van Nicosia wordt omringd door stadswallen die in 1567 door de Venetianen werden gebouwd, ter vervanging van de oudere middeleeuwse muren van de Lusignans. De Venetianen wilden de stad beschermen tegen de Ottomanen. De wallen vormen een bijna perfecte cirkel van ongeveer vijf kilometer, met elf vijfhoekige bastions en drie poorten: de Kyreniapoort, de Pafospoort en de Famagustapoort. Het is een van de best bewaarde voorbeelden van renaissancevestingbouw in Europa.
Ondanks de nieuwe muren viel Nicosia al in 1570 in handen van de Ottomanen. Het grootste deel van de wallen is bewaard gebleven en vormt nu een belangrijke bezienswaardigheid. In de gracht liggen parken, parkeerplaatsen en sportvelden. De Famagustapoort is gerestaureerd en wordt gebruikt als cultureel centrum. Omdat de Groene Lijn dwars door de stad loopt, is het niet mogelijk om in één keer helemaal rond de stad over de wallen te lopen. Een deel van de bastions ligt in het noordelijke deel van de stad.

In Nicosia is veel street art te zien, zowel in het zuidelijke als in het noordelijke deel van de stad. Sommige werken bevatten een duidelijke boodschap over de tweedeling van het eiland en de Groene Lijn. Andere zijn vooral bedoeld om kale muren en vervallen gebouwen kleur te geven. Veel werken zijn gemaakt tijdens festivals, waarbij kunstenaars uit Cyprus en het buitenland werden uitgenodigd.

In het zuidelijke deel vind je de meeste muurschilderingen in de straatjes rond de Faneromeni-kerk en langs de Groene Lijn, vaak op de zijgevels van gebouwen. In het noordelijke deel zijn er opvallend veel rond de overdekte markt Bandabulya. Omdat muurschilderingen verdwijnen en er nieuwe bijkomen, verandert het aanbod voortdurend. De beste manier om ze te ontdekken is een wandeling door de oude stad, aan beide kanten van de grens. Kijk daarbij ook omhoog en in de kleine zijstraten.

De Trypiotiskerk is gewijd aan de aartsengel Michaël en staat in het zuidelijke deel van de oude stad van Nicosia. De kerk werd in 1690 gebouwd, tijdens de Ottomaanse periode. De bouwstijl combineert Byzantijnse elementen met gotische invloeden, die nog uit de tijd van de Lusignans in de stad aanwezig waren. Aan de buitenkant zie je fijn gebeeldhouwde versieringen, met onder meer dieren en planten rond de deuren.
Binnen valt vooral de rijk gesneden en vergulde iconostase op, een van de mooiste van Nicosia. De kerk is vernoemd naar de wijk Trypiotis, waarin ze staat. Dat was vroeger een welgestelde wijk, waar veel vooraanstaande families woonden. Daardoor was de kerk lange tijd een van de belangrijkste van de stad. De kerk ligt op loopafstand van de Laiki Geitonia en de Ledrastraat. Ze is meestal open voor bezoekers buiten de tijden van de diensten.

Het Atatürkplein, vroeger Sarayönü genoemd, is het centrale plein van het noordelijke deel van Nicosia. Eeuwenlang was dit het bestuurlijke hart van Cyprus. Aan het plein stond het paleis van waaruit de Lusignans, de Venetianen en de Ottomanen het eiland bestuurden. De naam Sarayönü betekent voor het paleis. Het paleis werd in het begin van de twintigste eeuw, tijdens het Britse bestuur, afgebroken. Er is vrijwel niets meer van over.
Midden op het plein staat een granieten zuil, die de Venetianen uit de ruïnes van Salamis naar Nicosia haalden en hier in de zestiende eeuw neerzetten. Bovenop stond vroeger de leeuw van Sint Marcus, het symbool van Venetië. Rond het plein staan gebouwen uit de Britse tijd, zoals het gerechtsgebouw en het postkantoor, en een Ottomaanse fontein. Het plein is een goed vertrekpunt voor een wandeling door het noordelijke deel van de oude stad.
