Mechelen: verrassende stad in de provincie Antwerpen

De Vlaamse stad Mechelen ligt tussen Antwerpen en Brussel in. Mechelen, dat in het Frans Malines genoemd wordt, is een middelgrote stad. Omdat Mechelen tussen twee grote publiekstrekkers in ligt, wordt Mechelen minder door Nederlandse toeristen bezocht dan dat de stad verdient. Want ook Mechelen heeft een fraai historisch hart, meerdere bezienswaardigheden die de moeite waard zijn, een goed uitgaansleven en je kunt er uitstekend winkelen. Het is allemaal wat kleinschaliger dan in Antwerpen en Brussel, maar zeker niet minder interessant. Er zijn mensen die liever in de Bruul, de IJzerenleen of de Graaf van Egmontstraat komen om te winkelen dan dat ze door de drukke straten van Antwerpen moeten slenteren.

Wie eens een stedentrip wil maken waarbij je het gevoel hebt niet één van de duizenden toeristen bent, dan moet je zeker Mechelen eens overwegen. Op het gebied van ontspanning, cultuur, culinair genieten en historie heeft de stad voldoende te bieden om gasten een paar dagen bezig te houden.



Kruidtuin

De Kruidtuin is het grootste openbare park dat je zult vinden in het historische centrum van Mechelen. Slechts een deel van het park is ingericht als kruidentuin. Dit deel heet de Dodoenstuin. De rest van de Kruidtuin is een stadspark in Engelse landschapsstijl. Oorspronkelijk hoorde het park tot het domein van de Commanderij van Pitzemburg. Toen was het park nog ingericht als een typische Franse tuin. De transformatie tot Engelse tuin vond plaats in de negentiende eeuw naar een ontwerp van Louis Fuchs. Begin deze eeuw hebben er onder leiding van Fondu Lanscape Architects nog een aantal aanpassingen plaatsgevonden. De Kruidtuin is overdag geopend voor het publiek. In de zomer sluit het park om 21 uur haar deuren. In het winterseizoen (november tot en met februari) kun je tot 19 uur door de Kruidtuin wandelen.



Kerstmarkt van Mechelen

Net als in veel andere Belgische steden wordt er ook in Mechelen aan het eind van het jaar een kerstmarkt gehouden. Deze winterse markt staat opgesteld op de Grote markt, waar het dankzij de historische panden, de Sint-Romboutskathedraal en het Stadhuis een prachtig decor heeft gekregen. De kerstmarkt van Mechelen begint in de regel pas in de tweede week van december. De stalletjes met koopwaar en lekkernijen blijven tot en met het eerste weekend van het nieuwe jaar staan in het historisch centrum van Mechelen.

Planckendael

Net buiten Mechelen in de deelgemeente Muizen ligt de Zoo Planckendael. De dierentuin is gesticht op het landgoed Planckendael en ging in 1960 open voor het publiek. In eerste instantie was de dierentuin bedoeld als buitenverblijf van de Zoo van Antwerpen. Overtallige dieren werden naar deze plaats gebracht. Al snel breidde dit uit en tegenwoordig is het park qua oppervlakte de grootste dierentuin van België. Omdat de dierentuin tracht de dieren zoveel mogelijk ruimte te geven leven er in Planckendael veel minder dieren dan bijvoorbeeld in de Zoo van Antwerpen.
planckendael
De dierentuin is onderverdeeld in de vijf continenten, per continent heeft de dierentuin een hele andere uitstraling. De bomen en andere planten zijn aangepast aan het continent maar ook de kleuren en de aankleding zijn geheel in thema. Tussen de verschillende dierenverblijven zijn er tal van speeltuinen en klim- en klauterbanen te vinden. Hierdoor is een bezoek aan de Zoo Planckendael een leuke interactieve beleving.

Groot Begijnhof

Het Groot Begijnhof van Mechelen was eerst buiten de stadsmuren te vinden maar nadat het in de zestiende eeuw vernield werd gingen de begijnen terug binnen de stadsmuren wonen. Ze kochten er enkele bestaande panden en namen er hun intrek. Hierdoor heeft het Groot Begijnhof van Mechelen een heel ander karakter dan de meeste begijnhoven. Het Groot Begijnhof lijkt eerder een stadswijk dan een begijnhof. Die functie vervult het begijnhof tegenwoordig dan ook. In de vroegere huizen van de begijnen wonen tegenwoordig families met kinderen. De laatste begijnen zijn in het tweede deel van de vorige eeuw vertrokken uit het begijnhof.
Vroeger vormde het Groot Begijnhof een eigen leefgemeenschap met een eigen bakkerij, een brouwerij, een verpleeghuis en een kerk. Die brouwerij, Brouwerij Het Anker, is nog steeds op deze plek te vinden. Samen met twaalf andere Vlaamse begijnhoven staat het Groot Begijnhof van Mechelen sinds 1998 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Je kunt een prachtige stadswandeling maken door het voormalige begijnhof.

Stadhuis van Mechelen

Het Stadhuis van Mechelen was eerst gevestigd in het Schepenhuis en later in het Postgebouw, ook wel bekend als Huis den Beyaert. Het huidige stadhuis bestaat uit drie verschillende delen. Als eerste de lakenhal. Dit prachtige historische pand werd tussen 1311 en 1326 herbouwd op een kern uit de dertiende eeuw. De Lakenhal is in de loop der eeuwen zo vaak gerenoveerd en verbouwd dat van de originele lakenhal nog maar weinig is overgebleven.
Het tweede deel van het stadhuis bestaat uit het Belfort. Het onvoltooide Belfort om precies te zijn. Al in de veertiende eeuw werd een start gemaakt met de bouw van het Belfort van Mechelen maar door geldgebrek is er nooit meer dan een aanzet tot een toren gerealiseerd. De basis van het belfort zorgt tegenwoordig wel voor het typische uiterlijk van het stadhuis van Mechelen.
Het linker deel van het stadhuis bestaat uit de Keldermansvleugel. Dit deel werd in de zestiende eeuw aan het stadhuis gebouwd. Het diende als het paleis van de Grote Raad. Rombout II Keldermans begon er in 1526 aan, maar rond 1547 werd de bouw stilgelegd. Pas in het begin van de twintigste eeuw, tussen 1900 en 1911, werd de vleugel in neogotische stijl volgens de oude bouwplannen voltooid.

Klein Begijnhof

Het Klein Begijnhof van Mechelen is het oudste begijnhof van Mechelen. Het Klein Begijnhof werd in de dertiende eeuw buiten de stadspoorten van Mechelen gebouwd maar al in de vijftiende eeuw werd het begijnhof omsloten door de stad. Het Klein Begijnhof is van oorsprong een gesloten begijnhof dat toegankelijk was via drie poorten. Een in de Heembeemd en twee in de Kanunnik De Deckerstraat. Van deze poorten is tegenwoordig jammer genoeg niets meer terug te vinden. Wel is een groot deel van de oude begijnenhuisjes bewaard gebleven. Net als het Groot Begijnhof van Mechelen is het Klein Begijnhof mooi gerestaureerd. Anders dan het Groot Begijnhof staat het Klein Begijnhof niet op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Dijlepad

Het Dijlepad is een deels drijvend wandelpad op de Dijle. Het pad start bij de Haverwerf, bij het Lamot Congres en Erfgoedcentrum en loopt tot achter de Fonteinbrug. Tijdens je wandeling over het pad kom je langs enkele idyllische plekjes in Mechelen die je anders nooit zou kunnen zien. Zo loop je langs de Zoutwerf, onder de Hoogbrug en kom je langs prachtige gevels. Tijdens je wandeling over het Dijlepad lijkt het soms alsof de tijd heeft stilgestaan. Als je de wandeling start op de Haverwerf, kom je uiteindelijk uit in de buurt van de Kruidtuin. Dit prachtige stadspark is een fijne plek om te vertoeven in de zomermaanden.
In de avonduren is het Dijlepad prachtig verlicht en leent het pad zich uitstekend voor een romantische wandeling.

Opsinjoorke

Het Opsinjoorke is een legende die in Mechelen verteld wordt maar zijn wortelen heeft in Spanje. Van origine is het Opsinjoorke een klein dik mannetje met een snor, dat erom bekendstaat zijn vrouw af te ranselen. Om hem hiervoor te straffen wordt de Opsinjoor met een doek de lucht ingesmeten. Dit gebeurt tijdens processies. Het beroemdste verhaal over de Opsinjoor gaat over een Antwerpenaar die in 1775 tijdens een van deze processies aan de kant stond. Tijdens het omhooggooien van de Opsinjoor gaat er iets mis en belandt de pop boven op deze Antwerpenaar die om zich te beschermen zijn handen in de lucht stak. Een aantal omstanders dacht echter dat hij de pop wilde stelen; ze ranselden hem af en hij belandde in de gevangenis. Eenmaal terug in Antwerpen beklaagde de man zich door middel van een brief bij het stadsbestuur. Sindsdien heet de pop Opsinjoorke, naar de bijnaam sinjoren voor Antwerpenaren.
Op de Grote Markt van Mechelen staat een standbeeld van de Opsinjoor en in een park bij de Sint-Romboutstoren is een reusachtig geel exemplaar te zien, dat als speeltoestel dient.

Wegwijzers

Er zijn in het historische centrum van Mechelen speciale wegwijzers te vinden die de belangrijkste bezienswaardigheden van de stad aangeven. Over deze wegwijzers, die oorspronkelijk uit 1954 stammen, is er in Mechelen de laatste jaren behoorlijk wat te doen geweest maar het eindresultaat mag er zijn. Op de wegwijzers zijn onder andere afbeeldingen te zien van De Sinjoor, Maria van Oostenrijk, de Sint-Romboutstoren, de Zalm en kantklossters. De vrolijk geschilderde wegwijzers zijn een leuke en ludieke manier om de weg te vinden in Mechelen.

Wie de wegwijzers volgt, komt vanzelf langs de belangrijkste plekken van het historische centrum, van de Grote Markt en de kathedraal tot de Haverwerf aan de Dijle.

Vismarkt

De Vismarkt is een klein plein in het centrum van Mechelen aan de Dijle. Het is na de Grote Markt het populairste uitgaanscentrum van de stad. In de zomermaanden is het plein gevuld met terrasjes. De terrassen zijn met name populair door de ligging van het plein aan de Dijle. Het is tevens de plaats waar de rondvaartboot over de Dijle vertrekt. Naast restaurants en cafés is er op de Vismarkt ook een hotel te vinden.

Vanaf de Vismarkt loop je in een paar minuten naar de Haverwerf met zijn drie bijzondere gevels en naar het Dijlepad, een deels drijvend vlonderpad over het water. Zo combineer je een drankje op een terras met een korte wandeling langs de rivier.

Hof van Busleyden

Het Hof van Busleyden is een prachtig zestiende-eeuws pand dat oorspronkelijk de woning was van Hieronymus (Jeroen) van Busleyden, die het in 1506 kocht. Het doet tegenwoordig dienst als stedelijk museum en huisvestte ook de Beiaardschool. In het stadsmuseum worden met regelmaat grote exposities en tentoonstellingen gehouden.

Het museum bestaat sinds 1938 en heropende in 2018 na een grondige renovatie. Het vertelt het verhaal van Mechelen in de Bourgondisch-Habsburgse tijd, toen de stad onder Margaretha van Oostenrijk het regeringscentrum van de Nederlanden was. De collectie telt zo’n 24.000 objecten. Topstukken zijn de zeven Besloten Hofjes, de grootste verzameling ter wereld van deze zestiende-eeuwse kijkkasten, en het Mechels Koorboek van Petrus Alamire.

Margaretha van Oostenrijk

Margaretha van Oostenrijk is een van de meest tragische telgen uit het roemrijke Habsburgse geslacht. De landvoogdes van de Nederlanden stierf op 1 december 1530 in Mechelen. Sinds 2004 staat haar standbeeld op de Schoenmarkt, vlak bij de kathedraal. Margaretha van Oostenrijk werd geboren als dochter van Maximiliaan van Oostenrijk en Maria van Bourgondië. Ze was de tante van de latere keizer Karel V. Hoewel ze een succesvolle carrière had, was Margaretha erg ongelukkig in de liefde. Haar eerste verloofde, de Franse koning Karel VIII, verbrak de verloving om met Anna van Bretagne te trouwen. Haar eerste echtgenoot, de Spaanse kroonprins Johan, stierf enkele maanden na de bruiloft, en ook haar tweede man, Filibert van Savoye, stierf drie jaar na het huwelijk. De ellende zorgde ervoor dat Margaretha in diepe rouw werd gedompeld. Ze zou tot het einde van haar dagen rouwkleding blijven dragen. Nadat haar broer Filips de Schone was overleden, bestuurde ze vanaf 1507 als landvoogdes de Nederlanden en ook nadat haar neef Karel V de troon had bestegen bestuurde ze enkele jaren voor hem als landvoogdes de Nederlanden.

De Grote Markt van Mechelen

De Grote Markt is zonder twijfel het mooiste plein van Mechelen. Aan het plein staat het stadhuis van Mechelen. Naast het stadhuis zijn er tal van andere prachtige monumentale panden te vinden aan de Markt. Door de verschillende bouwstijlen die gebruikt zijn oogt het plein erg gezellig. Op de verschillende gevels zijn er allerlei beelden te vinden. Een groot deel van deze beelden zijn voorstellingen van dieren. Zelf hebben we een varken, een beer, een haan en een leeuw gespot, maar er zijn er vast wel meer te ontdekken.
In 2004 heeft de Grote Markt van Mechelen een grote renovatie ondergaan. Het beeld van Margaretha van Oostenrijk werd verplaatst naar de Schoenmarkt en onder de markt werd een parkeergarage met 155 plaatsen gerealiseerd. Sindsdien is de Grote Markt van Mechelen een van de populairste plaatsen in Mechelen om wat te eten of te drinken. In de zomermaanden is een groot deel van de markt gevuld met terrassen.

Technopolis

In het zuiden van Mechelen kun je Technopolis bezoeken. Dit is een doe-centrum voor technologie en wetenschap, waar volwassenen en kinderen op interactieve wijze van alles kunnen leren over wetenschap en technologie. Gedurende de dag worden er verschillende demonstraties gehouden, die je meer inzicht geven op een specifiek vlak. Technopolis opende in 2000 haar deuren en is in korte tijd uitgegroeid tot één van de belangrijkste attracties van België. Op doordeweekse dagen zijn het vooral schoolreizen vanuit België en het zuiden van Nederland die voor publiek zorgen. In het weekeinde is Technopolis een populair gezinsuitje. Wie bang is dat Technopolis voor jonge kinderen te lastig is, die heeft het mis. Er is speciaal voor kinderen van 4 tot 8 jaar een Kinder-doe-centrum, dat helemaal ingericht is om kinderen in deze leeftijdscategorie op hun eigen niveau kennis te laten maken met wetenschap en technologie.

Sint-Romboutskathedraal

Een opvallende blikvanger in het centrum van Mechelen is de Sint-Romboutskathedraal. Dat komt vooral door de 97 meter hoge toren, die grotendeels het gezicht van het Mechelse centrum bepaalt. Eigenlijk zou de toren een hoogte moeten krijgen van maar liefst 167 meter. Geldproblemen hebben ervoor gezorgd dat dit doel nooit behaald is. Eind vorige eeuw is er onderzoek gedaan of het haalbaar zou zijn om de toren alsnog van een spits te voorzien. Volgens de berekeningen zou dit mogelijk zijn. Het is echter nooit tot concrete plannen gekomen om een torenspits aan te brengen op de toren.

Het rooms-katholieke geloofsgebouw kent zijn oorsprong in de dertiende eeuw. Men is toen begonnen aan de bouw van de driebeukige dwarskerk. In 1312 werd het gebouw gewijd als collegiale kerk. In de loop der tijd hebben er meerdere aanpassingen en uitbreidingen aan het gebouw plaatsgevonden. In 1559 kreeg de kerk de status van kathedraal, toen het bisdom Mechelen opgericht werd. De zestiende eeuw is helaas ook de periode geweest waarin er veel van  het oorspronkelijke interieur verloren gegaan is. Ook de buitenkant heeft flink te lijden gehad in de loop der tijd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de toren flink beschadigd door een artilleriebombardement door de Duitsers. In 1972 heeft een grote brand voor aanzienlijke schade gezorgd. Tegenwoordig is er amper meer iets te zien van de eerder geleden schade.

Poortgebouw Commanderij Pitzemburg

Een historisch onderdeel van de Kruidtuin is het poortgebouw van de voormalige Commanderij Pitzemburg. Dit poortgebouw stamt uit het jaar 1664 en is in barokstijl uitgevoerd. Tegenwoordig markeert het de entree van de Kruidtuin. Het poortgebouw is een beschermd monument. In 1988 is het poortgebouw gerestaureerd en in 2014 heeft er een tweede grote onderhoudsactie plaatsgevonden.

Brouwerij Het Anker

Brouwerij Het Anker is een stadsbrouwerij die te vinden is in het Groot Begijnhof van Mechelen. Het bekendste bier dat er gebrouwen wordt, is de Gouden Carolus. Dit bier is vernoemd naar Karel V. Er zijn momenteel zes verschillende varianten van dit bier op de markt maar de Classic en de Tripel zijn de bekendste varianten.
Brouwerij Het Anker is al sinds de veertiende eeuw in Mechelen gevestigd. De huidige naam stamt echter uit het begin van de twintigste eeuw toen er de eerste mouterij van Vlaanderen in gebruik genomen werd. Brouwerij Het Anker is tegenwoordig een van de weinige grotere brouwerijen in België die nog niet zijn overgenomen en nog volledig onafhankelijk opereren. Bij de brouwerij is in 1999 een hotel geopend in de oude opslagruimtes.
Van het moutbeslag van de Gouden Carolus Tripel wordt ook whisky gedistilleerd, in de eigen stokerij in Blaasveld.

Sint-Romboutstoren

De Sint-Romboutstoren is letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt van je bezoek aan Mechelen. Om de toren en de Skywalk te kunnen bezoeken, moet je wel een trap van 538 treden beklimmen. Gelukkig zijn er onderweg een aantal verdiepingen waar je even rond kunt kijken en kunt bijkomen van de vele trappen. De eerste kamer die je tegenkomt is de kraankamer, in deze ruimte is onder andere een grote kraan te zien die gebruikt is bij het plaatsen van de klokken. De volgende stop is de Smidsekamer. In deze ruimte werden vroeger reparaties aan de toren gedaan. Na nog meer trappen kom je aan in de Klokkenkamer. In totaal hangen er in deze ruimte 49 klokken waarvan de oudste uit de vijftiende eeuw stamt. Deze klokken worden tegenwoordig alleen door de speeltrommel bespeeld. Deze speeltrommel is een verdieping hoger te vinden in de uurwerkkamer. Ieder jaar met Pasen, als de klokken naar Rome zijn, wordt er in de trommel een nieuwe melodie gestoken.
sintromboutstoren
Na een korte klim kom je uit op de volgende verdieping de Beiaardkamer. In deze ruimte hangen de 49 klokken van de tweede beiaard, die er in 1981 is gekomen. Dit hoofdzakelijk omdat de oude klokken vals waren geworden. De op een na laatste verdieping is de askelder. Hier is een begin gemaakt met de nooit afgebouwde spits van de Sint-Romboutstoren.
Na een korte klim kom je dan eindelijk uit bij de Skywalk. Dit prachtige glazen platform is in 2009 gebouwd als uitkijkpost. Bij helder weer kun je Brussel en Antwerpen zien liggen.

De vlietjes van Mechelen

Tot het begin van de twintigste eeuw waren er overal in Mechelen grote en kleine vlietjes te vinden. Deze zijn ontstaan na de indijking van het moerassige gebied rond de Dijle waar tegenwoordig de stadskern van Mechelen is. Doordat Mechelen steeds groter werd en door de industrialisering waren de verschillende vlieten open riolen geworden. Dit was een bron voor epidemieën en er werd besloten om een groot deel van deze vlietjes te dempen.
Tegenwoordig is de stad Mechelen weer bezig om de exacte locatie van de verschillende vlietjes te vinden en ze weer terug aan te leggen. Een mooi voorbeeld hiervan is het vlietje aan de Melaan. Maar in de loop der tijd zullen er nog meer oude vlietjes worden blootgelegd.

Haverwerf

De Haverwerf is een prachtige mix van historisch en nieuw Mechelen. De belangrijkste bezienswaardigheden op de werf zijn de drie historische huizen. Een uit de zeventiende eeuw en twee uit de zestiende eeuw. De oudste van deze opmerkelijke huizen is “Het Paradijs”, het hoekhuis van de drie. Het heeft een laatgotische gevel met reliëfs van de Hof van Eden, waarin ook vroegrenaissancistische kenmerken zichtbaar zijn. Het middelste huis heet tegenwoordig “De Duiveltjes”, maar stond vroeger bekend als de “Verloren Zoon”. Dit prachtige gotische huis heeft nog steeds zijn originele houten gevel. Het derde huis, de “Sint-Jozef” is een eeuw jonger en in de barokstijl gebouwd.
Op de Haverwerf was vroeger een grote middeleeuwse havenkraan te vinden. Deze is spijtig genoeg aan het einde van de negentiende eeuw gesloopt.
Kinderen zullen aan de Haverwerf het woonhuis van K3 herkennen. Andere bezienswaardigheden aan de Haverwerf zijn het Lamot Congres- en Erfgoedcentrum, het standbeeld van de jonge Ludwig van Beethoven en zijn grootvader en het Dijlepad.

Lamot Congres- en Erfgoedcentrum

In het pand van de voormalige stadsbrouwerij Lamot is tegenwoordig het Lamot Congres- en Erfgoedcentrum gevestigd. Op deze plaats was sinds het begin van de zeventiende eeuw een brouwerij te vinden. Vanaf 1855 was de brouwerij in handen van de familie Lamot, eerst onder de naam Brouwerij De Kroon. In 1981 werd Lamot overgenomen door Piedboeuf, de brouwer van Jupiler, dat later opging in Inbev. De brouwerij in Mechelen sloot in 1994 voor het laatst zijn deuren.
Tegenwoordig is in de voormalige brouwerij het Lamot Congres- en Erfgoedcentrum gevestigd. Het congrescentrum bestaat uit verschillende multifunctionele ruimtes waar allerlei congressen en tentoonstellingen worden gehouden. In het Erfgoedcentrum wordt op verschillende manieren de geschiedenis van Mechelen verteld.

Mechelen Kinderstad

Mechelen heeft zich de laatste jaren ontpopt tot een geliefde gezinsbestemming. Dat komt natuurlijk op de eerste plaats doordat op korte afstand van het centrum dierenpark Planckendael en het wetenschapscentrum Technopolis te vinden zijn. Maar ook omdat de stad er alles aan heeft gedaan om een gezinsvriendelijke bestemming te worden. Zo zijn er op meerdere plaatsen in de stad speelprikkels te vinden, zijn er verschillende kindvriendelijke stadsroutes uitgezet en worden er gedurende het jaar verschillende activiteiten georganiseerd.
Mechelen heeft zelfs keurmerken aan restaurants uitgedeeld die kindvriendelijk zijn. Om dit keurmerk te krijgen moet het restaurant niet alleen kindvriendelijk zijn maar net dat stapje meer doen. Leuke kindermenu’s en een speelhoekje zijn hier goede voorbeelden van. Er is bij het gemeentehuis zelfs een speciaal kindertoilet te vinden.

Groen Waterke

Het Groen Waterke is een van de vele oude vlieten die vroeger in Mechelen te vinden waren. In tegenstelling tot veel andere is het Groen Waterke nooit gedempt geweest. Het vlietje ligt in een van de mooiste delen van Mechelen, direct naast de Refugie van de Abdij van Tongerlo. Volgens een bekend verhaal waren er boven het Groen Waterke ooit de toiletten van een nonnenklooster te vinden, en voeren mannen met bootjes onder deze heimelijkheden door om met blaaspijpen de billen van de nonnen probeerden te raken. Na klachten werd het water afgesloten, waardoor er geen boten meer konden varen.
Het Groen Waterke dankt zijn naam aan de grote hoeveelheid eendenkroos die in de vliet ligt.

De Belforten van Mechelen

Net als bijna ieder zichzelf respecterende stad in België heeft Mechelen een Belfort. Uniek voor Mechelen is dat er niet een maar twee belforten in de stad te vinden zijn. Beide belforten staan op de werelderfgoedlijst van UNESCO, ook al zijn ze nooit afgebouwd. De bekendste van de twee belforten is de Sint-Romboutstoren. Deze prachtige historische toren is vanuit grote delen van de stad zichtbaar, ook al is hij ‘maar’ 97 meter hoog. Oorspronkelijk was er een toren van 167 meter gepland.
Het andere belfort was gepland bij het stadhuis van Mechelen. Door geldgebrek werd slechts de basis van de toren gebouwd. Hieraan heeft het stadhuis van Mechelen wel zijn karakteristieke uiterlijk te danken.

Martin’s Patershof

Een bijzonder hotel in Mechelen is het Martin’s Patershof. Dit hotel is gevestigd in een voormalig klooster van de minderbroeders. Deze minderbroeders vestigden zich in het begin van de dertiende eeuw in Mechelen en kregen van de stad Mechelen een stuk grond ter beschikking om hun klooster te bouwen. Door de eeuwen is het klooster en de bijbehorende kerk meerdere malen verwoest en uitgebreid. Later raakte het complex zijn functie als geloofsgebouw kwijt en nam onder meer het Belgische leger er zijn intrek. Na de Tweede Wereldoorlog werd het een cultureel centrum. Sinds 2009 is in de voormalige neogotische minderbroederskerk uit de negentiende eeuw het hotel Martin’s Patershof gevestigd, met 79 kamers. De verbouwing van kerk tot hotel is met veel respect voor de geschiedenis van het gebouw gedaan. Veel van de originele details zijn bewaard gebleven.

Bureau voor Toerisme

Het Bureau voor Toerisme is te vinden in het centrum van Mechelen, bij de Grote Markt. Sinds 2018 zit het in het historische Schepenhuis. Je kunt hier informatie krijgen over de verschillende bezienswaardigheden, activiteiten en evenementen die er in Mechelen te vinden zijn. Het bureau voor toerisme van Mechelen doet dit op een leuke manier. Zo staat er een boom waar je de verschillende fietsroutes op een fietswiel kunt vinden en hangt er een spel aan de muur waar je verschillende vragen over Mechelen moet beantwoorden. In het Bureau voor Toerisme is een enorme kaart van de stad te vinden met daarop de verschillende bezienswaardigheden die je in en om Mechelen kunt vinden.

Refugie van de Abdij van Tongerlo

De Refugie van de Abdij van Tongerlo werd gebouwd in de tweede helft van de vijftiende eeuw door de Norbertijnen. De refugie is lang in het bezit van de abdij gebleven maar werd aan het einde van de negentiende eeuw in gebruik genomen als gendarmerie. Later werd het pand gebruikt voor verschillende musea. Deze functie heeft het tegenwoordig nog. Vandaag de dag is in de Refugie van de Abdij van Tongerlo de Koninklijke Manufactuur De Wit gevestigd, een atelier voor de restauratie van wandtapijten. Het pand is iedere zaterdag geopend voor rondleidingen. De prachtige tuin van de refugie is wel iedere dag geopend voor het publiek. De planten die in deze tuin groeien zijn terug te vinden op de wandtapijten die binnen hangen.

De Cellekens

Een van de mooiste tuinen van Mechelen is te vinden op een steenworp afstand van de Sint-Romboutstoren. De tuin van de “Cellekens” is tegenwoordig in het bezit van een kunstenares die er enkele prachtige beelden in heeft staan. Jammer genoeg is de tuin niet opengesteld voor het publiek, maar door het hekwerk kun je wel een glimp van de tuin zien.
De Cellekens is van origine een opvanghuis voor alleenstaande behoeftige vrouwen. Dit schitterende pand met drie vleugels en meerdere “cellen” werd gebouwd in de tweede helft van de negentiende eeuw.

De naam verwijst naar de kleine kamertjes, de cellen, waarin de bewoonsters woonden. Ben je in de buurt van de kathedraal, loop dan even langs om door het hek een blik op de tuin en de beelden te werpen.