De Santa Maria del Fiore, oftewel de dom van Florence, staat beter bekend als de Duomo. Niet verwonderlijk natuurlijk. Naast de prachtige marmeren façade is de koepel een van de opvallendste onderdelen van de kerk. De Santa Maria del Fiore is een van de grootste kathedralen van Europa. Aan alles in de kerk zie je de macht en rijkdom die Florence had in die tijd. Met de bouw van de kerk werd gestart in 1296. Diverse architecten werkten gedurende de bouwjaren aan het project. De bouw kwam meerdere malen stil te liggen. In 1436 werd de kerk ingewijd en in 1471 werd de bronzen bol op de lantaarn van de koepel geplaatst. De marmeren gevel die je nu ziet, is pas in de negentiende eeuw voltooid. Het ontwerp werd gemaakt door Arnolfo di Cambio en hij was de eerste bouwmeester van het project. Na zijn dood lag de bouw enkele jaren stil om weer opgepakt te worden door Giotto di Bondone. Zijn werk is vooral zichtbaar in de campanile naast de kathedraal. Het bekendste onderdeel van de kathedraal, de koepel, werd natuurlijk ontworpen door Brunelleschi.

De koepel was een van de laatste onderdelen die werden voltooid aan de bouw. Gedurende de bouw werd het ontwerp ook diverse malen aangepast aan de smaak van die tijd. Hoewel de buitenkant van de kerk erg rijk versierd is met marmer, is de binnenkant van de kerk behoorlijk sober. De vloer en de beschilderde koepel van de kerk zijn de kleurrijkste delen. Buiten een aantal muurschilderingen is het een vrij sober gebouw. Bij een bezoek aan de kerk, dat overigens gratis is, dient men rekening te houden met de kleding. Te blote schouders of korte rokjes zijn niet toegestaan. Met een sjaal om dit te bedekken zijn de suppoosten meestal al tevreden.

De Ponte Vecchio is de beroemdste brug in Florence. De brug over de Arno trekt iedere dag vele toeristen. De brug is volledig bebouwd met kleine juwelenwinkeltjes. De hele brug schittert je van achter de etalages tegemoet. Al in de Romeinse tijd liep hier een brug over de Arno, maar de huidige stenen brug stamt uit 1345, nadat een overstroming de vorige brug had verwoest. Hij doorstond heel wat ontberingen. Ondanks overstromingen en de Tweede Wereldoorlog, waarin de Duitsers alle andere bruggen van Florence opbliezen, staat de brug nog steeds overeind. Oorspronkelijk waren er op de brug vooral slagers en leerlooiers te vinden. Zij konden vanaf de brug hun afval makkelijk de rivier in gooien. Pas aan het eind van de 16e eeuw wilde de familie Medici de brug wat opwaarderen en werden zij vervangen door goudsmeden en juweliers. Boven de brug loopt de Corridoio Vasariano. Deze gang was bedoeld voor de familie Medici. Zij konden, zonder de brug tussen het plebs te moeten oversteken, zo makkelijk van het Palazzo Vecchio naar het Palazzo Pitti komen. De gang loopt om de Mannellitoren heen. Deze toren werd in de middeleeuwen al gebouwd om de brug te verdedigen. De eigenaars van de toren weigerden deze af te breken ten gunste van de gang. Op de Ponte Vecchio zijn altijd veel toeristen te vinden, vooral rond het open stuk bij de buste van Benvenuto Cellini.

Het Palazzo Vecchio is het bestuurscentrum van de stad Florence. Eeuwenlang werd de stadstaat vanuit dit paleis geregeerd en nog steeds gebruikt de stad Florence de Zaal van de Vijfhonderd voor officiële gelegenheden. Het paleis staat aan het Piazza della Signoria. Het paleis is prachtig. Je komt binnen via een sprookjesachtige binnenplaats. Eenmaal de trappen op kom je in prachtig gedecoreerde vertrekken. In de meeste kamers staan geen meubels meer. Dit is echter niet erg, aangezien het alleen maar af zou doen van het zicht op de muur- en plafondschilderingen. Die zijn namelijk echt prachtig. Naast de ruimtes zelf zijn er ook enkele museumstukken te bewonderen. Dantes dodenmasker staat opgesteld in een van de gangen en er zijn diverse kunstwerken te bewonderen.

Bijzonder ook is de kaartenkamer met oude kaarten en een antieke wereldbol. De Zaal van de Vijfhonderd is het indrukwekkendste vertrek. De wanddecoraties zijn van Vasari. Tegen de wanden zijn diverse beelden geplaatst; een van de beelden, de Genius van de Overwinning, is van Michelangelo. Onderdeel van het bezoek is ook het beklimmen van de toren van het paleis. Hier vanaf heb je een prachtig zicht op de stad. Via de Corridoio Vasariano konden de Medici zich verplaatsen van het Palazzo Vecchio naar het Palazzo Pitti.

Santa Croce is één van de belangrijkste monumenten in Florence. Deze kerk herbergt naast vele kunstschatten ook de graven van verschillende beroemde Florentijnen. Dante heeft er een gedenkteken, en Galileo, Machiavelli, Michelangelo en Rossini liggen hier allemaal begraven.

Bij de ingang van de met wit, groen en roze marmer beklede kerk staat ook een beeld van Dante Alighieri. Naast de prachtige kerk is er ook een klooster dat te bezoeken is. Hier zit ook de Scuola del Cuoio, een leerbewerkersschool die na de Tweede Wereldoorlog door de franciscanen werd opgezet. Een van de kapellen, de Pazzi-kapel van Brunelleschi, is een van de hoogtepunten uit de renaissancebouwkunst.

Het Baptisterium is gelegen net naast de Duomo, de dom van Florence. Op de plaats waar het Baptisterium staat zijn resten van Romeinse gebouwen gevonden. Het huidige achthoekige gebouw dateert in de kern uit de elfde en twaalfde eeuw. Lange tijd was de doopvont een groot bad waarin men in zijn geheel werd ondergedompeld. De rijke gilde van de lakenhandelaars, de Arte di Calimala, betaalde eeuwenlang voor de verfraaiing van het baptisterium. Aan de buitenkant is het Baptisterium bekleed met hetzelfde wit en groen marmer als de kerk en de campanile. De deuren van het Baptisterium zijn erg opvallend. In diverse panelen vertellen ze het verhaal van Jezus Christus, van Johannes de Doper en verhalen uit het Oude Testament. De beroemdste zijn de oostelijke deuren van Lorenzo Ghiberti, die Michelangelo de Poort van het Paradijs zou hebben genoemd. Aan het gebouw hangen tegenwoordig kopieën; de originelen staan in het Museo dell’Opera del Duomo. Ook aan de binnenkant is het baptisterium erg mooi. Vooral het plafond is spectaculair. In mozaïek zijn hier diverse bijbelverhalen te bewonderen, met in het midden een groot Laatste Oordeel. De verhalen van Jozef, Jezus en Johannes de Doper komen in prachtige kleuren tot leven.

Piazzale Michelangelo ligt hoog boven de stad en is een prachtig uitzichtpunt. Het plein heeft een grote parkeerplaats waar met grote regelmaat bussen en auto’s vol toeristen stoppen om vanuit dit punt een foto te maken van de stad. Je kunt van hieruit dan ook echt alle mooie gebouwen van de stad Florence goed zien. Midden op het plein staat weer een replica van Michelangelo’s David. Deze keer uitgevoerd in brons. Je kunt het plein vrij simpel vanuit de stad bereiken via een serie lange trappen en paden, die vanaf het Piazza Giuseppe Poggi aan de Arno omhoog lopen. Een fikse klim, maar het uitzicht is het waard.
Het plein werd in 1869 aangelegd door architect Giuseppe Poggi, toen Florence korte tijd de hoofdstad van Italië was. Even verderop, nog iets hoger op de heuvel, ligt de romaanse kerk San Miniato al Monte, waar het uitzicht minstens zo mooi is en het een stuk rustiger is.

De Corridoio Vasariano is een van de bijzonderste gangen ter wereld. Vroeger hingen er honderden schilderijen, waaronder een grote collectie zelfportretten. Na een lange restauratie is de gang sinds december 2024 weer open, nu zonder schilderijen, maar met prachtige doorkijkjes over de stad. De gang werd in 1565 gebouwd in opdracht van Cosimo de’ Medici I. Hij was het beu steeds tussen het gepeupel te moeten lopen op de Ponte Vecchio als hij van zijn Palazzo Pitti naar het Palazzo Vecchio liep. De gang werd ontworpen door Giorgio Vasari en is ongeveer 1 km lang. De gang loopt vanaf het Palazzo Vecchio door het Uffizi over de Ponte Vecchio langs de kerk Santa Felicita om te eindigen in het Palazzo Pitti. De gang maakt een klein omweggetje rondom de Mannellitoren. De familie Mannelli, die deze toren in bezit had, weigerde deze af te breken voor Cosimo de Medici. De gang is te bezoeken met een speciaal ticket in combinatie met een kaartje voor de Uffizi. Je moet vooraf reserveren en er mogen per keer maar kleine groepen in. Je loopt vanaf de Uffizi naar de Boboli-tuinen bij het Palazzo Pitti.

Een van de beroemdste inwoners van Florence is Galileo Galilei. Deze wiskundige, natuurkundige en astronoom, geboren in Pisa, is vooral bekend van zijn verbeterde versie van de telescoop en zijn verdediging van de theorie van Copernicus, die stelde dat de aarde om de zon draait en niet andersom. Dit gezichtspunt zorgde ervoor dat hij in conflict kwam met de kerk, die het werk van Copernicus in 1616 al had verboden. Ondanks zijn huisarrest slaagde hij erin een van zijn werken naar Nederland te laten smokkelen, waar het in 1638 in Leiden werd uitgegeven. Galileo stierf in Arcetri, net buiten Florence, en ligt begraven in de Santa Croce. Het Museo Galileo vertelt het verhaal van zijn leven en ontdekkingen. Er zijn diverse oude telescopen en wereldbollen te zien, waaronder twee telescopen die Galileo zelf maakte.

De Campanile is de klokkentoren naast de Duomo. De toren wordt ook wel de toren van Giotto genoemd, naar de ontwerper Giotto di Bondone. De toren is bijna 85 meter hoog en je kunt tot helemaal in de top klimmen. Via 414 treden op kleine, nauwe trappetjes is dat een flinke klim.

Vanaf de toren heb je een prachtig uitzicht op het dak van de Duomo en diverse stukken van Florence. Net als de kerk zelf is de campanile uitgevoerd in groen, wit en roze marmer. Hij staat op enkele meters naast de dom. Volgens het oorspronkelijke ontwerp zou de toren nog een spits krijgen en flink hoger worden, maar dat is nooit uitgevoerd.

Wie last van zijn nek heeft, kan beter niet naar Florence gaan. Een groot deel van de tijd zal je namelijk je nek verrekken met het bekijken van de prachtige plafonds. In bijna alle paleizen, musea en kerken zijn deze prachtig gedecoreerd en gemaakt ook nog eens door beroemde schilders. Het mozaïekplafond in het baptisterium bijvoorbeeld is op zichzelf al een hele attractie en als je er voor zou gaan zitten kun je er uren naar kijken. Dat geldt ook voor de schildering van het Laatste Oordeel aan de binnenkant van de koepel van de Duomo, waar Vasari aan begon. Maar ook in de paleizen zijn de plafonds vaak fabelachtig mooi. Vaak zijn ze ingelegd met ingewikkelde houten patronen. Deze worden dan weer met goud en andere mooie kleuren geverfd. Erg kunstig zijn ook de beschilderde plafonds waarbij je als kunstenaar rekening moet houden met het afwijkende perspectief. Bij sommige lijkt het daadwerkelijk alsof engelen en andere wezens vanuit de hemel je aankijken.

Overal waar je komt in Florence vind je de kraampjes met lederen tassen. Vooral rondom de Santa Croce zijn erg veel leerwinkels en leerkraampjes te vinden. Zelfs in het kloostercomplex van de kerk zit een leerbewerkersschool, de Scuola del Cuoio. De meeste winkels rondom de kerk hebben behoorlijk hoge prijzen. Wil je wat betaalbaarder winkelen dan kun je het beste terecht op de Mercato di San Lorenzo, bij de San Lorenzo kerk, of bij de Mercato Nuovo aan de Via Pellicceria. Hier staan marktkraampjes die leren tassen en jassen verkopen. Let op: veel tassen hebben geen prijs. Bij navraag wordt er al snel meer dan 50% van de prijs afgedaan. Afdingen is dus zeker een must. Bij veel kraampjes worden dezelfde producten verkocht. Bij diverse verkopers een prijs opvragen kan ook behoorlijk wat voordeel opleveren.

Hoewel het woordje modern in de naam zit, is de kunst die hier getoond wordt niet wat wij zouden verstaan onder moderne kunst. Voor de samenstellers van de collectie was het dat echter wel. In tegenstelling tot de overweldigende drukte aan schilderijen in de Galleria Palatina zijn de werken hier rustig en kalm gerangschikt. Het is bijna een verademing na de drukte van de andere galerij. De werken in deze galerij zijn voornamelijk van de tweede helft van de 18e eeuw, de 19e eeuw en de 20e eeuw. Er hangen veel werken van de Macchiaioli, de Toscaanse tegenhangers van de impressionisten, en er staan prachtige verfijnde beeldhouwwerken. Een van de beroemdste schilders in deze galerij is Pissarro. Elders in het Palazzo Pitti is ook de badkamer te bewonderen die voor Napoleon werd ingericht.

De kleine expositie van het museum voor geologie en paleontologie, onderdeel van het natuurhistorisch museum van Florence, is met de Firenzepas gratis te bezoeken. Je vindt dit museum vlakbij de botanische tuinen en het archeologisch museum. Hoewel het museum niet groot is, heeft het wel enkele spectaculaire skeletten van prehistorische diersoorten zoals mammoeten, sabeltandtijgers en prehistorische runderen. De neushoornschedel in het museum is ook prachtig en de skeletten van prehistorische vogels geven een mooi zicht op de nekwervels en de werking ervan.
Het natuurhistorisch museum van de universiteit van Florence is verspreid over meerdere locaties in de stad. Naast deze collectie horen bijvoorbeeld ook de botanische tuin en het zoölogisch museum La Specola erbij.

Het zoölogisch museum van Florence, La Specola, zal niet bij ieder hoog op zijn todo list staan. Toch is het voor mensen die een Firenzepas hebben een absolute aanrader. Ook dit museum is weer met deze pas gratis te bezoeken. In een monumentaal pand aan de Via Romana vind je dit museum. Het heeft geen grote collectie, maar is zeker goed voor een uurtje vertier. Naast de grote hoeveelheid diersoorten heeft dit museum ook een bijzondere collectie wassen beelden. Je dient er wel een stevige maag voor te hebben. In een van de expositieruimtes staan namelijk allerlei torso’s van was die op diverse wijze zijn opengewerkt zodat je goed alle organen kunt zien. Zo zijn alle stadia van de zwangerschap uitgebeeld en zie je prachtig hoe het darmstelsel van mensen eruit ziet. De beelden zijn echter behoorlijk echt waardoor het geheel toch een wat bloederige aanblik krijgt.

In een stad als Florence, waar iedere straathoek een plaatje is, zie je overal mensen poseren. Er lopen dan ook duizenden amateurfotografen rond. Het is enorm vermakelijk al die fotografen en modellen gade te slaan en stiekem te bekijken. Sommigen pakken het reuze serieus aan, maar we hebben hier en daar toch ook wel heel wat vreemde poses voorbij zien komen. Geliefde plekken voor een geposeerde foto zijn de trappen van de Duomo en natuurlijk de Ponte Vecchio.
Wil je zelf een mooie foto zonder drukte op de achtergrond, ga dan vroeg in de ochtend op pad. Op het Piazzale Michelangelo heb je bovendien een prachtig uitzicht over de stad met de Duomo, wat een perfect decor is voor een foto. Ook de kades langs de Arno met zicht op de Ponte Vecchio zijn bij zonsondergang een geliefde plek om te poseren.

La Primavera is een van de beroemdste schilderijen in het Uffizi. Het is geschilderd door Botticelli en het is een allegorische voorstelling van de lente. La Primavera is een van de meest beroemde renaissancewerken. Volgens een veelgehoorde theorie werd het besteld als huwelijkscadeau door Lorenzo de’ Medici voor zijn neef Lorenzo di Pierfrancesco. Het is een van de eerste schilderijen waarbij vrouwen sensueel werden afgebeeld. Het hing dan ook in een vertrek naast de slaapkamer. Wat Botticelli precies bedoelde met het schilderij is niet helemaal duidelijk. Er zijn diverse figuren op afgebeeld die in principe niets samen hebben behalve dan dat ze op de een of andere manier te linken zijn aan de lente. Op het schilderij staat de godin Venus en haar zoontje Cupido. Zij staan in het midden. Helemaal links staat de Romeinse god Mercurius, te herkennen aan zijn slangenstaf. De drie dames zijn de drie gratiën. Aan de rechterkant vinden we de windgod Zephyrus, de nimf Chloris en de godin Flora. Het schilderij valt verder op door zijn vele soorten bloemen die allemaal tot in de prachtigste details zijn geschilderd. Je vindt het schilderij in dezelfde zaal als de Geboorte van Venus, ook van Botticelli.

De geboorte van Venus is een van de beroemdste voorbeelden van renaissancekunst. Het is een schilderij waarop de geboorte wordt gevierd van een heidense godin, die bovendien in al haar naakte schoonheid wordt getoond. Volgens de overlevering werd Venus geboren uit het schuim van de zee. Botticelli koos er echter voor haar te tonen wanneer ze op een schelp aankomt op het eiland Cyprus. Het werk hangt in het Uffizi en is een van de topstukken van het museum. In dezelfde zaal vindt men ook La Primavera van dezelfde schilder. Beide schilderijen werden gemaakt voor de familie Medici.
Links op het schilderij blazen de windgoden Zephyrus en Aura Venus naar de kust, rechts staat een nimf klaar om haar met een mantel te bedekken. Het werk is op doek geschilderd en niet op een houten paneel, wat in die tijd in Florence nog vrij ongebruikelijk was.

Het Piazza dei Ciompi ligt iets buiten het toeristische centrum om en is wellicht daarom juist zo leuk. Op het plein staat de Loggia del Pesce, de oude overdekte vismarkt die Vasari ontwierp en die hier in de twintigste eeuw werd herbouwd. Vis wordt er al lang niet meer verkocht, de overkapping dient nu ter bescherming van de daar aanwezige terrasjes. Het publiek in dit deel van Florence is erg jong en op de Piazza zit dan ook een erg leuke wijnbar en fijne cocktailbar. In de avonduren is het hier een komen en gaan van mensen die op stap gaan. Overdag stond er op het plein lange tijd een brocantemarkt, de Mercato delle Pulci. Die is enkele jaren geleden verhuisd naar het nabijgelegen Largo Annigoni, waar je nog steeds vooral oude spulletjes kunt kopen. Voor de liefhebbers van rommelmarkten is het leuk om een kijkje te nemen.

Wie tussendoor een lichte snack wil of eens lekker wil lunchen kan terecht in de vele osteria’s. Deze zijn vooral gespecialiseerd in lokale lekkernijen. Ze verkopen er de heerlijkste lokale wijnen, kazen en vleeswaren. Vaak is er naast het eten daar ter plaatse ook de mogelijkheid er goede olijfolie, azijn en andere specialiteiten te kopen. Neem in de osteria’s vooral de proefplankjes. Hierbij kun je voor een schappelijke prijs een aantal heerlijkheden proeven en kennismaken met een diversiteit van smaken in de regio. Wij kregen op ons plankje een aantal hammen, salamisoorten, maar ook dun gesneden plakjes vetspek en een bijzondere worst gemaakt van vet en stierenballen. Als je niet zo avontuurlijk bent, kun je die er uiteraard uitlaten.

De Arno is de rivier die Florence in tweeën deelt. Het gebied aan de andere kant van de Arno wordt ook wel Oltrarno genoemd, oftewel over de Arno. De beroemdste brug over de rivier is uiteraard de Ponte Vecchio. De Arno ontspringt op de berg Falterona in de Apennijnen. Onderweg naar beneden passeert hij naast Florence ook de stad Pisa. De Arno is over het algemeen een rustig kabbelende rivier waar studenten wat op roeien. Hij kan echter ook flink overstromen en binnen enkele uren aanzwellen tot een woeste stroom. De laatste keer dat dit op grote schaal gebeurde, in 1966, stond half Florence onder water en gingen vele kunstschatten in de modder van de rivier verloren.

Op de Ponte Vecchio vind je tientallen juwelierszaken. De hele brug is er werkelijk mee bezaaid. Van oorsprong was de brug een plaats voor slagers en leerlooiers. Die konden vanaf de brug namelijk makkelijk hun stinkende afval in de rivier werpen. In 1593 verbood groothertog Ferdinando I de’ Medici de slagers nog langer hun werk op de brug te doen. De Medici, die via de Corridoio Vasariano over de brug liepen, hadden vast last van de vieze lucht. In plaats daarvan werd het aanzien van de brug opgekrikt door de winkeltjes en werkplaatsen te verhuren aan edelsmeden. Midden op de brug staat een borstbeeld van de beroemdste Florentijnse goudsmid, Benvenuto Cellini. Nog steeds liggen er prachtige kettingen, oorbellen en ringen in de etalages. Er wordt door de toeristen vooral veel gekeken. Er zijn niet zo veel mensen die ook het geld hebben om hier daadwerkelijk iets te kopen. Souvenirtjes meenemen van deze brug is dan ook behoorlijk prijzig.

De Santa Margherita dei Cerchi wordt ook wel de kerk van Dante genoemd. Je vindt dit kleine kerkje vlak bij het huis van Dante in Florence. Wie een gebroken hart heeft of een geheime liefde kan in deze kapel terecht. De kerk is eigenlijk gewijd aan de heilige Margaretha en was waarschijnlijk de locatie van Dantes huwelijk met Gemma Donati. Dante had echter een lang verloren liefde, Beatrice Portinari. Volgens de overleveringen is dit de plek waar zij elkaar voor het eerst zagen. Het was ook de kerk van haar familie en volgens de traditie is zij hier begraven. Een grafsteen in de kerk herinnert aan haar. In een mand naast een kaars bij het graf kunnen mensen hun liefdeswens kwijt. De hele dag door zie je dan ook vooral jonge mensen in deze kerk briefjes schrijven. Of het werkt weet niemand.

De Loggia dei Lanzi staat op het drukst bezochte plein van Florence, het Piazza della Signoria. De galerij werd tussen 1376 en 1382 gebouwd in opdracht van het stadsbestuur, als plek voor openbare ceremonies. De brede ronde bogen kondigen de renaissance al aan, de beelden in de loggia zijn geïnspireerd op thema’s uit de Griekse en Romeinse oudheid. De naam dankt de loggia aan de lansknechten, de Lanzi, die hier in de zestiende eeuw gelegerd waren. De beroemdste werken in de loggia zijn de Perseus met het hoofd van Medusa van Benvenuto Cellini, de Sabijnse maagdenroof en Hercules en de centaur Nessus van Giambologna. Veel van de beelden werden hier geplaatst in opdracht van de familie Medici. De loggia ligt naast het Palazzo Vecchio en de Uffizi en is dagelijks gratis te bezichtigen.

Florence is een echte toeristenstad. Gelukkig beperkt het zich wel tot de echte toeristische trekpleisters zoals de Ponte Vecchio en Piazza della Signoria. Wie wil, kan door even de kleine straatjes in te duiken ook heel handig de grote drukte vermijden. De hoeveelheid toeristische attracties is ook zo groot dat de grote stroom toeristen zich ook makkelijk verdeelt over de stad. Wil je een aantal highlights bezoeken dan doe je er goed aan vroeg op pad te gaan. Er kunnen bij een aantal plekken lange rijen zijn. Met een Firenzepas of een vooraf gereserveerd ticket ga je deze snel voorbij, anders is het wachten geblazen of vroeg uit bed. Geen zin om in de rij te wachten? Kies dan voor relatief minder toeristische trekpleisters zoals de San Lorenzo kerk met de Medicikapellen of het San Marcoklooster. Genoeg plekjes in Florence waar het ook stil en rustig kan zijn. De meeste toeristen bezoeken Florence in de zomermaanden. Het voor- en najaar zijn echter wat betreft aantallen toeristen een stuk prettiger.

De Medicikapellen, de Cappelle Medicee, zijn onderdeel van de San Lorenzokerk. De ingang zit echter aan de achterkant en men moet apart entree betalen voor de kapellen. Ze horen bij de parochiekerk van de Medici en geven goed weer hoe belangrijk de familie was. De grote kapel, de Cappella dei Principi, is prachtig gedecoreerd met veelkleurig marmer en halfedelstenen en heeft een majestueus uiterlijk.

In de Nieuwe Sacristie staan de praalgraven die Michelangelo voor de Medici maakte. De hertogen Lorenzo en Giuliano de’ Medici zijn afgebeeld als Romeinse veldheren en worden geflankeerd door allegorische figuren van de Dag, de Nacht, de Dageraad en de Schemering. Daarnaast zijn in de crypte ook diverse artefacten uit de kerk te bewonderen. Ook hier valt de rijkdom van de familie af te lezen.

Het Leonardo da Vinci museum is compleet gewijd aan een van de belangrijkste personages uit de Florentijnse geschiedenis. Leonardo da Vinci woonde en werkte in de stadstaat Florence. Hij is het schoolvoorbeeld van wat de Florentijnen een Uomo Universalis noemde. De renaissancemens die zich op meerdere gebieden ontwikkelde, werd zeer gewaardeerd. Leonardo Da Vinci was een getalenteerd schilder, uitvinder en wetenschapper. Het museum laat vooral zijn wetenschappelijke modellen zien. De expositie is opgebouwd rondom vijf thema’s. Er zijn oude mechanische modellen en de andere onderdelen zijn gegroepeerd rondom de vier elementen: vuur, water, lucht en aarde.
Veel van de modellen zijn op ware grootte nagebouwd aan de hand van de tekeningen uit zijn notitieboeken. Sommige mag je zelf aanraken en uitproberen, wat het museum ook voor kinderen leuk maakt.

Giorgio Vasari is een van de beroemdste kunstenaars van Florence. Hij werd geboren in Arezzo en kwam als jongen naar Florence onder de bescherming van kardinaal Silvio Passerini. Hij werd een begenadigd schilder, architect en de eerste kunsthistoricus uit de geschiedenis. Zijn werk over Italiaanse schilders wordt tot op de dag van vandaag geraadpleegd door studenten van de kunstacademie. Le Vite, zoals het boek kortweg heet, beschrijft de levens van beroemde kunstenaars uit de geschiedenis en uit zijn eigen tijd. Ook Vasari zelf staat er in beschreven. In Florence zijn twee grote beroemde werken van hem te vinden. Vasari begon aan de beschildering van de binnenkant van de koepel van de Duomo. De dramatische schilderingen stellen het Laatste Oordeel voor en werden na zijn dood voltooid door Federico Zuccari. Het andere werk is ook te bewonderen in een van Florence grootste toeristische attracties. De Zaal van de Vijfhonderd in het Palazzo Vecchio is grotendeels door Vasari en zijn werkplaats beschilderd. Het plafond en de muren beelden scènes af uit de geschiedenis van Florence en het leven van Cosimo I.

Je ziet ze rijden door heel Florence. De toeristische koetsjes. Het zijn een van de weinige voertuigen die overal in de stad, ook in de voetgangersgebieden, mogen komen. Een ritje brengt je langs alle bijzondere bezienswaardigheden in de binnenstad en kan behoorlijk aan de prijs zijn. Ook zit er nogal verschil in hoe de koetsier zijn paard behandelt. Her en der zagen we toch ook wat flink versleten paarden die eigenlijk zouden moeten gaan genieten van wat welverdiende rust. Wil je gebruikmaken van deze manier van vervoer, kijk dan goed naar de staat van het paard.
De koetsjes staan meestal te wachten op het Piazza della Signoria en bij de Duomo. Spreek vooraf duidelijk de prijs en de duur van de rit af, zodat je achteraf niet voor verrassingen komt te staan.

Dit mooie plein kreeg zijn vorm vanaf 1419, toen Brunelleschi begon aan de zuilengalerij van het weeshuis. De zuilengalerij aan de overkant werd een eeuw later naar zijn voorbeeld gebouwd. De belangrijkste gebouwen aan het plein zijn de kerk Santissima Annunziata en het oude weeshuis, het Ospedale degli Innocenti. Op het plein staat een standbeeld van groothertog Ferdinando I de’ Medici, gemaakt door Giambologna en voltooid door zijn leerling Pietro Tacca. Het brons zou afkomstig zijn van buitgemaakte Turkse kanonnen. Op de achterkant van het beeld zijn diverse bijen aangebracht. Naast het beeld staan twee bronzen fonteinen van Pietro Tacca. Met enige regelmaat vinden er markten plaats op het plein.

De huiskapel van de familie de Medici in het Palazzo Medici Riccardi is een van de mooist gedecoreerde kapellen van Florence. De hele kapel is beschilderd met een fresco dat één grote voorstelling vormt. Rondkijkend is het alsof je een stripverhaal inloopt. Omdat de ruimte vrij klein is, lijkt het alsof je als het ware in de tekening staat. Wie vaak over de Renaissance gelezen heeft zal de tekening vast uit de boeken en schoolboeken herkennen. De voorstelling heeft als onderwerp de aanbidding der wijzen en is een processie die over drie muren heen loopt met als eindpunt het hoofdaltaar. In de processie zijn verschillende leden van de familie Medici terug te vinden, en ook de schilder zelf. De maker Benozzo Gozzoli heeft zichzelf tussen de stoet getekend. Deze schilder werkte ook mee aan de fresco’s in het klooster van San Marco en als assistent van Ghiberti aan de deuren van het Baptisterium. De fresco’s in het Palazzo zijn een van de mooiste en kleurrijkste van heel Florence.

De koepel van de kathedraal van Florence is een attractie op zich. Hij heeft aan de binnenzijde een doorsnede van ruim 45 meter. Met de lantaarn erbij is de koepel ruim 114 meter hoog. Beklim je de koepel, dan bekijk je Florence vanaf grote hoogte. Naast de stad kijk je ook uit op de campanile. De koepel werd ontworpen door Brunelleschi en is nog altijd de grootste gemetselde koepel ter wereld. Brunelleschi week af van de normale bouwtechnieken en gebruikte een geheel eigen stijl. Hij keek hierbij naar de bouwers van het oude Rome.

De beklimming van de koepel is een behoorlijke klus. Maar liefst 463 treden brengen je naar de top. Uiteraard niet over prachtig gevormde traptreden. Nee, je wringt je door nauwe gangetjes over eeuwenoude trappetjes. De beklimming is dus bepaald niet voor mensen met een slechte conditie. Eenmaal boven aangekomen is het uitzicht over Florence de moeite absoluut waard. Vooral vroeg op de dag of aan het eind van de middag, als het licht zacht is, is het uitzicht spectaculair.

Dit plein doet te midden van de kleine middeleeuwse straatjes wat modern aan. Het was dan ook onderdeel van een groot stadsvernieuwingsproject uit de 19e eeuw dat gelukkig, buiten dit plein, nooit doorgang heeft gevonden. De tekst op de triomfboog op het plein laat weinig te raden over de plannen van de projectontwikkelaars. Vrij vertaald staat er dat het oude stadscentrum van eeuwenlange ellende tot nieuw leven werd gebracht. Voor de bouw van het plein werd de oude markt, de Mercato Vecchio, gesloopt, samen met een flink aantal huizen en het oude getto. Door flink wat protesten, opdrogen van financiële middelen en angst voor de sloop van andere monumentale panden werden de plannen afgeblazen. Op het plein liggen enkele grote terrassen waar het op zonnige dagen goed toeven is. Een van de aan het plein gelegen cafés, Giubbe Rosse, was in de 19e en 20e eeuw zeer geliefd bij kunstenaars en schrijvers.
